Kilometervreters

Sommige ouders leggen honderden kilometers per week af om hun talentje maar zangles of ijsbaan te brengen. ‘We doen het met liefde’’.  

Ben je in het weekend als ouder van een stel ‘gewone’ kinderen al aardig aan het rondrijden van en naar voetbal, hockey of ballet. Als zoon of dochter talent blijkt te hebben, komen daar heel wat kilometers bij. Naar trainingen, oefenkampen of wedstrijden. Heen en weer, keer op keer, dag in dag uit. De tijdsgeest is ernaar. Uit het Gezinsrapport van het Centraal Bureau voor de Statistiek uit 2011 blijkt dat ouders tegenwoordig ruim twee keer zoveel tijd besteden aan hun kinderen als de generatie ervoor. Vooral als hun kind op een bepaalde manier uit lijkt te blinken, zijn ouders tot veel bereid. Niets wijst er intussen op dat er nu meer talentvolle kinderen rondlopen dat vroeger, zegt psycholoog en bewegingswetenschapper Jacques van Rossum. ,,De algemene indruk is wel dat veel ouders eerder denken dat hun kinderen over bijzondere kwaliteiten beschikt. Er zijn daardoor ook meer ouders die meer met hun kinderen willen en durven doen. Ze hebben er meer voor over om hun kind uit te laten blinken en rijden daar stad en land voor af.’’

Dat gebeurt allemaal met de beste bedoelingen. Sportpsycholoog Rianne van Strien van Coach2Score begeleid talentvolle jonge sporters. En ze geeft workshops aan ouders.,,Ouders groeien mee met hun kind’’, zegt zij. ,,Ze offeren zich op omdat ze hem of haar het beste gunnen. Er wordt weleens gedacht dat zij dromen van een toekomst vol weelde en roem, maar dat valt mee. Deze ouders investeren met liefde ongelofelijk veel in een onzekere toekomst. Dollartekens in hun ogen komen nauwelijks voor.’’

De gezinnen zijn klein, onze welvaart is nog steeds groot. Al met al hebben kinderen daardoor een totaal andere positie dan zo’n 40 jaar geleden. ,,Ouders doen van alles voor hun kinderen’’, zegt psycholoog en socioloog Mieke van Stigt. ,, Ze brengen ze naar clubs, kijken bij wedstrijden, schrobben de wc’s op school of zijn voorleesmoeder. Dat heet betrokken ouderschap. Ik vraag me weleens af waarom sommige dingen niet anders worden georganiseerd en waarom er zoveel van ouders wordt gevraagd. Waarom een ouder die fulltime werkt, ook nog een groep kinderen op zaterdagochtend naar de padvinderij moet rijden.’’ Dat ouders daartoe bereid zijn komt, denkt Van Stigt, doordat ze hun kind alles gunnen. ,,Dat het zich sociaal, emotioneel en lichamelijk goed ontwikkelt en zijn talenten ontplooit.’’ Jacques van Rossum is psycholoog en bewegingswetenschapper. Hij waarschuwt voor de soms overspannen verwachtingen die ouders hebben. ,, Mede aangespoord door de vele talentenjachten op televisie, van dans tot zang en koken, doen ouders er van alles aan om het talent van hun kinderen te ontwikkelen. Maar het aantal hoogbegaafden verandert niet, noch het aantal werkelijk getalenteerde, begaafde dansers bijvoorbeeld. Bij de nationale balletacademie waar ik al 25 onderzoek doe, worden elk jaar ongeveer hetzelfde aantal leerlingen geselecteerd. Van de twintig kinderen die uit de honderden aanmeldingen worden geselecteerd, schopt een enkeling het tot het nationaal ballet. Dat geeft een idee wat je moet kunnen om echt de top te halen. Het begrip talent is zo verbasterd, dat men eigenlijk denkt dat iedereen talent heeft. Maar het aantal écht getalenteerde mensen, de Teun de Nooijers of de Igone de Jonghs, is nog steeds schaars en bijzonder.’’

Deze bijzonder kleine kans dat het kroost uitzonderlijk getalenteerd is, zal ouders er niet van weerhouden hun kind alle ruimte te geven. De scheidslijn tussen enthousiast en overfanatiek is echter dun, waarschuwt Rianne van Strien. ,,Sommige ouders nemen de rol van coach over, ze zijn te fanatiek en zetten hun kind onder druk. Daardoor verliest een kind het plezier en dan is funest voor de prestaties.’’ Haar advies: ,,Laat merken dat de liefde en trots onvoorwaardelijk zijn, niet afhankelijk van prestaties. Vraag na een wedstrijd of optreden eens hoe een kind heeft gespeeld, of het plezier heeft gehad in plaats van naar de uitslag. Praat tijdens het eten eens over alle andere leuke dingen die een kind heeft gedaan. Zorg ervoor dat kinderen zich niet alleen een talent voelen, maar ook zoon, zusje, vriendje of kleinkind van. Bij kinderen die hun hele identiteit ontlenen aan de sport, stort hun wereld in als ze het niet halen of moeten stoppen vanwege een blessure. Zij kijken dan niet terug op een mooie periode, maar voelen zich mislukt.’’ Socioloog Mieke van Stigt stelt dat ouders vooral kritisch en realistisch moeten blijven. Vindt een kind het nog leuk, heeft hij de drive om ver te komen en is zijn talent werkelijk zo uitzonderlijk? ,,Als dat echt zo is, dan kan je een kind dat niet onthouden. Maar voor hoeveel is dat weggelegd? Opgezweept door de media willen kinderen tegenwoordig vooral beroemd worden. Als alles daarom draait, is dat treurig. Ook al je echt talent hebt, moet je keihard werken en veel investeren om de top te bereiken.’’

‘Tennis maakt Perla gelukkig’

Pauline Mulder (41), Gerd Nieuwboer (47), tennisster Perla (13), Luna (11) en Dani (7) uit Prinsenbeek.

Pauline: ,,Ik heb een fulltime job aan het tennissen van Perla. Ze traint veertien uur in de week, heeft privé- en groepstraining in Roosendaal en Rotterdam dus daar rijden we elke dag naartoe. Op school heeft ze een topsportstatus waardoor ze onder schooltijd mag sporten. ‘s Ochtends gaat ze een paar uur naar school, dan pik ik haar op en na de training breng ik haar weer naar de les. In het weekend zijn de toernooien, dus ook dan zijn we veel onderweg.

Het is druk, maar tennis is haar grote liefde. Het maakt haar gelukkig. Perla zit altijd met een grote smile naast me in de auto. Daar doe ik het voor. Ze heeft er zelf voor gekozen en ik besloot haar voor de volle honderd procent te steunen. Dat betekent dat er veel moet wijken. Dat is niet erg, want we genieten samen van de weg naar de eventuele top.

Ik wist waar ik aan begon, ik heb zelf hoog getennist in de jeugd. Ik moest stoppen vanwege blessures. Tennissen is mijn passie, maar ik heb altijd gezegd dat ik dit niet voor mijn kind wilde. De druk, de teleurstellingen en alle dingen die je ervoor moet doen en moet laten. Dat wilde ik niet voor Perla. We sloegen wel al een balletje toen ze klein was, mede omdat ik tennisles gaf. Ze vond het leuk, bleek talentvol en sindsdien wil ze niets anders. Haar droom is om op Wimbledon te staan en daar te winnen natuurlijk.

Mijn andere kinderen hebben er wel onder te lijden. De meeste aandacht gaat uit naar Perla. In de weekenden gaan Luna en Dani vaak naar hun vader of naar mijn zus, waar ze ook graag zijn. Luna houdt niet van tennis, ze is heel anders dan haar zus. Ze is sociaal, heeft veel vriendinnen, speelt graag buiten, houdt van volleybal. Soms denk ik dat haar leventje leuker is voor een kind, aan de andere kant hoort tennis bij Perla. Zij heeft een enorme drive, is competitief, een beetje een loner en redelijk egoïstisch zoals elke topsporter dat is.

Mijn leven is behoorlijk veranderd door het talent van Perla. Haar vader stopt er minder tijd in, ik doe alles met haar. Voorheen gaf ik tennisles, daar heb ik geen tijd meer voor. Ik wil er voor Perla zijn en dat kan niet als ik zelf te veel wil en verplichtingen heb. Dat komt wel weer. Ik probeer mijn boxershortlijn Pauli4Men op te zetten. Dat doe ik tussen de bedrijven door. Financieel heb ik gelukkig veel steun van mijn familie. De KNLTB draagt bij in de bondstraining en Perla krijgt materialen gesponsord. Ik ben blij dat het zo kan. Want ik vind het heerlijk dat ik Perla kan zien genieten op de baan.’’

Ons hele leven draait om Niki’s schaatsen’

Annelies (54), Paul (52), Tjade (27), Katja (26) en kunstschaatsster Niki (16) Wories uit Almere.

Annelies: ,,Ik heb een druk programma. ’s Ochtends de administratie van ons schoonmaakbedrijf en wassen draaien. De wasmand is altijd vol met al die sportkleding. Daarna maak ik eten klaar voor Niki, haal ik haar op van de LOOT school en rijden we vijf of zes dagen per week van Almere naar Den Haag of Zoetermeer voor haar schaatstraining. Niki eet in de auto, traint drie uur en dan rijden we weer naar huis. Hoe laat we thuis zijn is afhankelijk van haar schooltijden. De ene keer is het 18 uur, de andere keer 21 uur. Eenmaal thuis eten mijn man en ik samen en gaat Niki aan haar huiswerk. Het is een druk bestaan. Maar schaatsen is Niki’s leven. Ze begon op haar vijfde en deed mee aan wedstrijden op haar zevende. Toen werd duidelijk hoe talentvol ze is. Langzaamaan ging ze meer trainen en nu wijkt alles voor het kunstschaatsen. Gelukkig zit schaatsen in ons bloed. Ik heb zelf meegedaan aan Holiday on Ice, onze andere dochter Katja schaatste tot haar achttiende en ook Paul geniet van deze sport. Anders houd je het als ouders niet vol.

Niki heeft het afgelopen jaar goed gepresteerd, ze werd in december Nederlands kampioen bij de junioren. Hartstikke goed. Maar de stap naar de internationale top is groot. Dan moet ze meer trainen, de meiden in de top schaatsen twee keer per dag. Dat lukt hier niet. Niki kan onmogelijk voor schooltijd trainen. Haar coach en ijsbaan zijn te ver weg. Niki zit in de vier havo, wie weet dat ze daarna naar Zweden verstrekt om zich volledig op schaatsen te storten. Maar voor hetzelfde geld stopt ze ermee als ze achttien is. Nu is ze nog helemaal niet bezig met uitgaan, dat kan opeens veranderen. Dat is dan zuur, maar ze moet het wel willen want de topsport is hard werken en veel dingen laten. Dat lukt alleen als je er honderd procent voor gaat.

Ons hele leven draait om schaatsen. Paul en ik staan er allebei achter, maar het is wel een aanslag. Qua tijd, maar ook financieel. Dit jaar krijgt ze vanwege haar prestaties wat ijsuren vergoed van de bond, verder zijn sponsoren niet te vinden. En het kost gigantisch veel: benzine, trainingen, ijsuren, schaatskleding, jaarlijks nieuwe goede schaatsen, reis- en verblijfskosten bij wedstrijden. Daarbij gaat Niki sinds drie jaar zes weken in de zomer op trainingskamp in Zweden. Dat betekent dat wij dingen moeten laten. Gaat Niki op kamp, dan blijven wij thuis. We kunnen het geld maar één keer uitgeven. Maar we doen het graag en zijn heel trots op Niki. Dit is haar passie, ze heeft talent en dan doe je dat als ouders.

Het zou geweldig zijn als Niki het beste uit zichzelf kan halen, het ver schopt en hier haar geld mee kan verdienen. Het is niet zo dat wij dan wat van onze investering terug willen zien haha. Zo werkt het niet. We doen het met liefde en hoeven daar echt niets voor terug.’’

‘Van Yannicks voetbal wil ik niets missen’

Kalijn (41), Marco (41), Aurélie (15) en Yannick (13) Eerden uit Nes.

Kalijn: ,,Er zijn vast mensen die niet snappen dat wij zoveel tijd in de sport van Yannick stoppen. Maar Marco en ik halen zoveel plezier uit wat de kinderen doen. We zien het niet als verplichting, het is juist heerlijk om betrokken te zijn. Ik cijfer mezelf echt niet weg, maar stel mezelf ook niet boven het belang van mijn kinderen.

Wij zijn van huis uit hockeyers en ik had eerlijk gezegd weinig met voetbal. Maar Yannick is verzot op de bal en toen hij vijf was begon hij bij VV Heerenveen. Clubs hier in de buurt vonden hem toen nog te jong. Vanaf de eerste dag hebben we dus heel wat kilometers gemaakt. Yannick vond het geweldig. Op een gegeven moment trainde hij twee keer per week bij de amateurs, één keer bij de voetbalschool van SC Heerenveen, had een wedstrijd op zaterdag en techniektraining bij Voetbalschool Noord in Drachten op zondag. Ik bleef altijd kijken. Als je ziet dat je kind iets zo leuk vindt en er goed in is, ga je het als ouder vanzelf heel leuk vinden. Ik volg nog steeds weinig voetbal op tv, maar van Yannick wil ik niets missen.

Ik werk twee dagen bij een gastouderbureau en had daarvoor een andere baan waar ik alles om de trainingstijden van Yannick heen kon plannen. Je moet als ouder wel flexibel zijn, anders is het onmogelijk om zoveel te trainen. Yannick is in 2008 gescout en speelt in de D1 van SC Heerenveen. Hij wordt met de andere voetballers uit de regio opgehaald voor de training. Daar moest ik in het begin erg aan wennen. Jarenlang plande ik alles om zijn trainingen heen, nu had ik ineens tijd over. Het was ook best moeilijk om hem los te laten. Eerst was ik overal bij betrokken, sinds hij bij een prof club voetbalt, mis ik een deel van zijn voetballeven. Maar Marco en ik zijn bij al zijn wedstrijden. Waar hij ook speelt, van Nijmegen tot Groningen, van Arnhem tot Maastricht: wij zijn er bij. Samen met een vast groepje enthousiaste ouders. We gaan ook kijken als we van tevoren weten dat Yannick niet speelt. Maar we zijn betrokken bij het team en de club en het is gewoon heel gezellig langs de lijn.

Onze dochter gaat ook vaak mee. Ze vindt het leuk om haar broertje te zien spelen, al is het voor haar niet altijd even leuk dat Yannick zoveel van onze tijd en aandacht krijgt. Ze zit zelf op streetdance en ook bij haar wedstrijden zijn we met z’n allen aanwezig. Soms moeten we wel keuzes maken, dan gaat één van ons met Yannick mee, de ander met Aurélie. Bij andere dingen zoals verjaardagen, familiefeestjes en andere evenementen gaat voetbal vaak voor. We komen wel, maar altijd na de wedstrijd.’’

‘Merijn rijden voelt als vrije tijd’

Joris Mooijman (47), Jeannette Cuypers (43) en Merijn Mooijman (13) uit Hoorn.

Joris: ,,Merijn zingt en danst al vanaf zijn vierde. Dat is wat hij het liefste doet. Hij deed op zijn tiende auditie voor Kinderen voor Kinderen. Toen begon de drukte. Hij had twee solo’s en alles stond in het teken van het koor. Repetities, optredens, twee keer per week zangles bij Babette Labij in Amsterdam, één of twee keer per week dansles bij Lucia Marthas in Amsterdam en wekelijks gitaarles. Tussendoor nog wat extraatjes zoals een cd opnemen met Eric van Tijn, interviews en tv-optredens. Hartstikke leuk allemaal. Maar drie uur op tv staat gelijk aan 100 uur heen en weer rijden, dus we hebben wat in de auto gezeten.

Zijn moeder en ik hebben co-ouderschap en we doen allebei veel voor zijn toekomst. Als ondernemer ben ik flexibel, dat werkt wel in ons voordeel. Voorheen werkte ik zestig tot zeventig uur per week. Ik ben minder gaan werken om Merijn rond te rijden. Ik geniet ontzettend van die momenten. Gezellig samen in de auto, de telefoons uit, naar muziek luisteren bijkletsen. Het voelt als vrije tijd. Mijn werk doe ik sindsdien tussen de bedrijven door. ’s Avonds, in de ochtenduren als Merijn op school zit en als ik ergens op hem wacht. Ik moet opdrachtgevers daardoor wel regelmatig nee verkopen. Maar ik heb het er graag voor over.

Na Kinderen voor Kinderen maakte een deel van het koor een theatertour door heel Nederland, daarna deed Merijn mee aan het Junior Songfestival van de AVRO. Drie jaar lang hadden we het daardoor extreem druk. Weken waarin we 800 kilometer reden waren heel gewoon, met uitschieters van rond de 1300 kilometer. Nu is het wat rustiger, maar we rijden nog minstens twee keer per week naar Amsterdam. Als je kind hiervoor kiest, kost dat veel tijd en klauwen met geld. Reiskosten, parkeerkosten, misgelopen inkomsten, dat tikt aan. Maar financieel is het mogelijk en we doen het met plezier. Het is een investering in je kind. We willen dat Merijn doet wat hij leuk vindt. Dat hij plezier heeft en zijn droom naleeft.

De tv-wereld is wel een aparte wereld en we proberen hem zo goed mogelijk te begeleiden. Dat betekent dat hij niet overal aan meedoet. Zo hebben we een aanbod van The Voice Kids afgeslagen. We vinden hem te jong voor zo’n wedstrijd. We willen hem meegeven dat het niet belangrijk is dat hij beter is dan een ander. Goed kunnen zingen is fantastisch, niet het winnen. We bekijken per aanbod of het goed voor hem is. Dat is soms best lastig want Merijn doet het liefst overal aan mee. Maar voor zijn toekomst maakt het vast niet uit om soms om een jaartje te wachten.’’

Mei 2013