Yvonne koos voor het alleenstaand moederschap

 Als het anders loopt dan je hoopte…

‘’Mijn wens was een gezin met een leuke vent en lieve kinderen. Verschillende mannen passeerden de revue, maar de juiste zat er niet tussen. Ik kon mij geen leven zonder kinderen voorstellen, dus koos ik voor het alleenstaand moederschap via een anonieme donor. Ik ben dolgelukkig met mijn drie meiden, maar mis wel een man om de liefde mee te delen.”

Yvonne (38): ‘’Op mijn dertiende kreeg ik mijn eerste vriendje en we waren tien jaar samen. Toen die relatie voorbij ging, verwachtte ik dat de liefde van mijn leven nog wel voorbij zou komen. Tot die tijd zou ik mij prima vermaken. Ik ging uit met leuke mannen, maar het werd nooit echt serieus. Geen probleem, vond ik. Totdat ik eind twintig was. Het kriebelde en mijn moedergevoelens werden steeds sterker. Echte zorgen maakte ik mij nog niet, maar ik voelde wel dat die kinderwens langzaamaan steeds heftiger werd. Mannen zag ik ineens minder als partners, maar meer als potentiële vaders. Ik keek niet of een nieuwe vriend echt bij mij paste, maar ik lette er meer op of hij vader wilde worden. Twee serieuze relaties liepen stuk op mijn kinderwens. Die mannen hadden al kinderen uit een eerder huwelijk en vonden een baby bij een andere vrouw een te grote verantwoordelijkheid. Doordat zij mijn wens niet deelden, werd voor mij duidelijk hoe groot mijn verlangen was om moeder te worden. Ik was teleurgesteld en verdrietig en kon niet verder met die relaties. Als vriendinnen kinderen kregen, sloot ik mij daar deels gevoelsmatig voor af. Zo voelde ik mijn eigen verlangen en verdriet minder. Ik was zo ontzettend bang dat ik te laat zou zijn voor een kind. Dat ik geen moeder zou mogen worden. Dat voelde niet goed. Ik merkte dat ik in dat proces steeds mijn grenzen verlegde. Ik heb ook wel dingen gedaan waar ik spijt van heb.

Langzaamaan groeide het besef dat ik op korte termijn geen leuke vent zou vinden. Maar ondertussen tikte mijn biologische klok door. Daarom dacht ik na over het alleenstaand ouderschap. Het had niet mijn eerste keuze, maar misschien was het wel een optie. Met een ex-vriendje besprak ik het donorschap. We speelden met het idee dat hij als donor zou fungeren en dan verder geen rol zou spelen in het leven van mijn kind. Maar daar zagen wij uiteindelijk vanaf. Omdat ik geen andere bekende donor kon bedenken, zette ik voorzichtig stappen richting een zaadbank. Dit leek mij een goed alternatief, mits ik het zaad van een geregistreerde donor kon krijgen. Anders wilde ik het niet. Ik vond het oneerlijk als mijn kind nooit zou weten wie haar papa is. Dat ze maar voor de helft zou weten waar ze vandaan komt. Zeker omdat ik uitkeek naar een donkere donor. Mijn kindje krijgt toch ook een andere achtergrond en cultuur mee waar ik haar weinig over kan vertellen. Ik wilde dat mijn kind voor vragen terecht kan bij haar vader. Dat ze elkaar kunnen leren kennen en samen beslissen of ze contact willen hebben. Maar hoe graag ik dit ook wilde, een geregistreerde donor bleek onmogelijk. Deels omdat ik een alleenstaande vrouw ben en deels door de ophanden zijnde nieuwe wetgeving rondom donoren. Daardoor waren er minder donoren. Het feit dat ik graag een donkere donor wilde maakte het er niet makkelijker op. Mijn motivatie hiervoor is moeilijk te verwoorden. Het is puur gevoelsmatig. Halfbloedjes passen bij mij. Ik heb altijd donkere vrienden en een getint kindje voelt gewoon goed. Daarom besloot ik uiteindelijk toch voor een anonieme donor te gaan. Die keuze deed wel wat met mij. Ik nam mij steeds dingen voor, maar verlegde alle grenzen. Dat gaf mij geen goed gevoel over mijzelf. Ik vroeg mij af wie ik was om persé kinderen te willen. Waarom kon ik dat gevoel niet gewoon wegstoppen. Als het niet op de normale manier kon, was het moederschap dan wel bestemd voor mij? Ik was bang dat er van alles mis zou gaan doordat ik niet de natuur zou volgen. Maar toch voelde ik dat ik ervoor moest gaan. Mijn verlangen zat zo diep, dat het moederschap wel voor mij weggelegd moest zijn.

Ik hoop dat mijn dochters later geen problemen krijgen doordat ze niet weten wie hun vader is. Ik zal ze mijn motivatie proberen uit te leggen en hopelijk gaan ze daar goed mee om. Mijn hoop is ook dat ze hun vader toch kunnen achterhalen. Laatst werd er in Spoorloos ook naar een anonieme donor gezocht. Die jongen wilde weten wie zijn vader was en gelukkig was de donor ook nieuwsgierig naar zijn nazaat. Een emotionele reünie volgde en hopelijk is dit ook voor mijn meiden weggelegd.

Het was geen gemakkelijke weg om moeder te worden. Ik kon vanwege verstopte eileiders niet zwanger worden via kunstmatige inseminatie. Dit is meestal wel de methode bij alleenstaand ouderschap. Mijn enige optie was ivf, dus bevruchting in een reageerbuisje. Het is moeilijk om als alleenstaande vrouw in aanmerking te komen voor ivf. Ik belde het hele land af op zoek naar een ziekenhuis dat mij wilde helpen. Uiteindelijk ben ik ergens min of meer via de achterdeur binnen gekomen. Ik heb daarin veel geluk gehad. Maar het is wel een vreemde wereld waar je in terecht komt. Ten eerste is het al bizar dat je het sperma op moet halen bij de zaadbank. Je vervoert het zelf naar het ziekenhuis en in mijn geval was dat uren rijden. Zat ik dan met mijn zus in de auto met een thermosfles vol zaad op mijn schoot. Zo zijn er nog veel meer gekke voorbeelden. Als de eitjes zijn aangeprikt en opgevangen in een buisje, moet je ze op je lichaam dragen voor de juiste temperatuur. Dus gingen mijn vriendin en ik van het ene naar het andere ziekenhuis met buisjes op beide buiken geplakt. En daarin wordt dan jouw kindje verwekt. Heel bizar, maar ook geweldig dat dit allemaal kan.

De eerste ivf-poging was gelijk raak. Ik was zwanger! Het was zo onwerkelijk. Er groeide een leven in mij. Een leven wat ik zo graag wilde. Mijn droom kwam uit. Vanaf het moment dat ik wist dat ik zwanger was, leefde ik op een roze wolk. Ik vond het geweldig om spullen uit te zoeken, kleertjes te kopen en ik genoot echt van die groeiende buik. Zwanger zijn is zo geweldig. Ik voelde mij op en top vrouw en droomde van alle mooie momenten die nog zouden komen. Ik genoot de volle negen maanden van dit heerlijke gevoel. Ik was niet bang voor de bevalling en kon niet wachten om mijn babytje in mijn armen te hebben. Dat ik zo genoot kwam mede doordat ik er niet alleen voor stond. Mijn vriendin Evelien heeft mij tijdens mijn zwangerschap en de bevallingen haptonomisch begeleid. Daar heb ik ontzettend veel aan gehad. Niet alleen was ik tijdens de bevallingen sterk en rustig, maar het voelde ook goed dat ik het niet helemaal alleen hoefde te doen. Evelien hielp bij beide bevallingen. Dat waren ontroerende momenten. Het was zo bijzonder om dit samen mee te maken. Zo intiem en zo mooi. Evelien heeft ook echt een band voor het leven met mijn dochters. Zelfs al zouden we haar nooit meer zien, die band blijft.

Het moment dat ik mijn dochter Rosabella in mijn armen kreeg was fantastisch. Evelien en ik hebben samen gehuild van vreugde. Rosabella was perfect. Ze was zo mooi, zo lief en ik was helemaal verliefd. Die eerste weken gingen in een roes voorbij. Mijn moeder woonde de eerste drie maanden bij ons om de zorg te delen. Zo hoefde ik niet alles alleen te doen en kon ik ook af en toe rusten. De ene keer stond zij op om haar de fles te geven of te verschonen en de volgende keer ik. Het was heerlijk om dit samen met iemand te delen die ook van mijn dochter houdt. Dat had ik dan niet met een man, maar wel met mijn moeder. We genoten samen intens van die tijd. Rosabella was het eerste kleinkind van mijn ouders en ze waren stapel op haar. Na die beginperiode, bleven ze een constante steun en oppas. Rosabella mocht regelmatig een nachtje blijven slapen zodat ik bij kon tanken of leuke dingen kon doen met vriendinnen. Ik vond ook een geweldige oppas die overdag voor haar zorgt als ik werk. Ik mag Rosabella daar ongewassen en zonder eten brengen. Dan zorgt zij voor haar en krijg ik haar na mijn werk goed verzorgd en schoon terug. Dat is heerlijk. Want het is best een geregel zo in mijn eentje. Ik red het prima, maar het is soms zwaar om alleen geld te verdienen, een kindje op te voeden en daarnaast alles zelf te regelen. Zonder de steun van mijn ouders en mijn oppas had ik het niet zo goed gered. Zeker niet met drie kinderen. Want inmiddels is Rosabella bijna twee en heb ik een tweeling van vier maanden. Ik wilde zo graag een broertje of zusje voor Rosabella. Als er iets met mij zou gebeuren, dan hebben ze elkaar nog. Dan zou mijn dochter niet alleen zijn zonder bloedverwanten en een hele kleine familie.

Deze nieuwe ivf-poging met zaad van dezelfde donor lukte ook gelijk. Dolgelukkig was ik met deze tweede zwangerschap. Alleen moest ik wel even aan het idee wennen dat ik een tweeling zou krijgen. Drie kinderen is zwaar, maar ik ben toch ontzettend blij met mijn drie schatjes.

Het voelt als een zegen dat mijn grootste wens is vervuld. Ik ben een groot deel van mijn onrust kwijt. Ik ben completer met mijn meiden. Daardoor heb ik ook rust gevonden voor een relatie. Ik zoek niet meer naar een potentiële vader, maar ik zoek een lieve man die bij mij past. Een vent om mijn leven mee te delen. Waar ik mee kan lachen en kan huilen, maar ook de liefde voor de kleintjes mee kan delen. Ik begrijp dat er maar weinig mannen zitten te wachten op een alleenstaande moeder met drie kinderen. Maar aan de andere kant krijgt hij niet alleen mij, maar een prachtig gezin erbij. Hij is gelijk driedubbele papa en dat gebeurt toch niet zo vaak. Ik hoop de juiste nog een keer tegen te komen. Dat zou het plaatje echt compleet maken.’’

2006

 

Twee gezinnen

Op het eerste gezicht een normaal gezin: Henk (36) en Annelies (25) van Etten met hun zoontjes Niek (6) en Timm (2). Dat is het ook, alleen maakt Niek deel uit van nog een gezin. Hij heeft twee huizen, twee mama’s, twee papa’s en twee broertjes. Zijn ouders ging uit elkaar toen hij één was. De nieuwe partners zijn inmiddels zo lang in de familie dat zij ook papa en mama zijn.

Annelies: ,,Niek was net twee toen wij elkaar leerden kennen. Het klikte meteen tussen ons. Toen ik iets met zijn vader kreeg, ging het allemaal heel snel. Ik trok meteen in bij Henk en Niek. Niek was toen vaker bij zijn vader dan nu. Zijn moeder werkte veel, dus kwam Niek bij ons. Wij woonden tijdelijk bij Henk’s moeder en die paste voor die tijd veel op. Ik wilde graag meer tijd met Niek doorbrengen, dus besloot minder te gaan werken. We waren veel samen dus onze band werd enorm hecht. Al snel noemde hij me mama. Zijn moeder had ook al gauw een nieuwe vriend en die noemt Niek papa. Misschien verwarrend voor anderen, maar Niek weet niet beter. Hij houdt van ons alle vier en wij van hem. Ik voel me ook zijn moeder. Dat beschermende moedergevoel liet niet lang op zich wachten. Ik was wel bang dat mijn liefde voor Timm misschien sterker zou zijn, omdat hij mijn biologische zoon is. Maar dat is niet zo. Natuurlijk herken ik mijzelf wel terug in Timm en niet zo in Niek. Timm lijkt erg op mij qua uiterlijk en gedrag. Maar Niek lijkt ook weer veel op zijn vader, dus zijn we gewoon duidelijk ene gezin. Ik kan eerlijk zeggen dat ik van allebei evenveel houd. Ik ben ook trots op beiden. Niek fietste laatst voor het eerst los. Dan staan de tranen in mijn ogen, net als bij elke andere trotse moeder.’’

Henk: ,,Mijn ex en ik zijn goed uit elkaar gegaan. We zijn beiden hertrouwd en Niek is gek op beide partners. Ik heb er geen moeite mee dat hij de man van mijn ex ook papa noemt. Ik ben juist blij met de goede band die zij hebben. Mijn ex en ik hebben goede afspraken gemaakt over onze zoon. Ik wilde hem niet alleen om het weekend zien. Dat is meestal de standaard regeling, maar dat vind ik echt veel te weinig. Dan mis je zoveel van je eigen kind. Niek is hier drie weekenden per maand en de helft van de vakanties. In de week dat hij niet komt, is hij hier ook altijd een keer. We zorgen er dus echt voor dat er niet langer dan een week tussenzit. Zijn moeder woont een dorp verderop, dus ook tussendoor zien we elkaar wel. Dat vind ik fijn. Ik wil ook geen vader zijn die alleen leuke dingen met zijn zoon doet. Ik ben overal zoveel mogelijk bij betrokken. De opvoeding, zijn school, sporten, noem maar op. Ik wil er echt voor hem zijn als vader.’’

,,Ik vind het heerlijk om Niek om me heen te hebben. Zeker nu ik nog een kind heb, mis ik Niek extra. Het gezin voelt niet compleet zonder hem. Ik vind het verschrikkelijk om hem na een gezellig weekend weer weg te brengen. Dat gevoel hebben Annelies en Timm ook. Timm is altijd zo blij als zijn broer komt. Maar de stilte als hij weggaat, is ook weer groot. Op maandag loopt Timm altijd rond met de foto van Niek en vraagt waar hij is. Na de vakanties is hij de eerste dagen ook heel verdrietig. Dan mist hij zijn grote broer echt. Zielig vind ik dat. En ook Niek heeft het moeilijk. Hij zou het liefst met beide families in één huis wonen. Maar dat gaat natuurlijk niet.’’

,,We praten altijd veel met Niek over alles wat er gebeurt. We praten over de scheiding, over dat we kinderen wilden en hij dus misschien een broertje of zusje zou krijgen. We vertelden het hem dan ook meteen toen Annelies zwanger was. Daarvoor had hij al een broertje gekregen bij zijn moeder, dus hij vond het niet raar of vervelend. Hij vond het eigenlijk wel erg leuk. We hebben hem overal bij betrokken, zodat we er echt met z’n drieën naartoe konden groeien. Hij zei meteen dat hij wilde dat zijn broer of zus bij hem op de kamer zou slapen. Hij is eigenlijk geen moment jaloers geweest. We waren er wel een beetje bang voor van tevoren omdat hij nu opeens de aandacht moest delen. Maar hij vindt het alleen maar leuk. Zeker omdat hij ook gek is op zijn broertje. We laten ze samen ook heel vrij. Al vanaf het begin eigenlijk. Daardoor hebben ze echt een sterke band gekregen. Ondanks het leeftijdsverschil spelen ze veel samen. Timm doet Niek in alles na. Hij is echt zijn voorbeeld. Maar we doen ook nog steeds dingen met z’n drieën. Gaan we een avond naar de film, dan regelen we oppas voor Timm. Maar Timm krijgt nu wel de leeftijd dat hij ook steeds meer kan doen. Dus gaan we er lekker op uit met z’n vieren. Dat is natuurlijk het mooiste.’’

Annelies: ,,Toen Timm net was geboren gaf ik Niek extra veel aandacht. Ik wilde hem ook het gevoel geven dat hij er echt bij hoort. Nu doe ik dat niet meer. Niek weet hoeveel we van hem houden. We vormen gewoon een gezin met z’n vieren. Maar het blijft moeilijk dat hij in twee huizen woont. Niet alleen voor hem, maar voor iedereen. Ik vind het soms ook zwaar. In het weekend ben ik zijn moeder, maar doordeweeks niet. Dan is hij bij zijn echte moeder en sta ik op de tweede plaats. Dat is logisch, maar dat doet ook wel eens pijn. Want zo voel ik het helemaal niet.’’

2006 

‘Mijn dochters hebben twee papa’s’

Susanna Entius (30) uit Hoorn heeft twee dochters Sorcha (8), Siobhan (5). Twee maanden na de geboorte van Siobhan verliet ze haar vriend Peter. Al snel ontmoette ze Roy (34). Met hem kreeg ze vijf maanden geleden zoon Storm. ,,Ons gezin is compleet. Het woord halfbroer kennen mijn meiden niet.’’

 Susanna: ,,We zijn een zogenaamd nieuw samengesteld gezin, maar zo voelt het helemaal niet. Ons gezin is gewoon compleet. Roy en ik hebben twee dochters en daar is nu net een prachtige zoon bijgekomen. De meiden hebben alleen wel een andere biologische vader dan hun broertje Storm. Hun echte vader zien ze één keer in de drie weken en in de vakanties. Dat contact is goed en Peter en ik liggen qua opvoeding op één lijn. Dat is prettig. Maar voor mij is Roy de vader van mijn dochters. Ze zijn hier bij ons opgegroeid. Roy gaat er ‘s nachts uit als ze een nachtmerrie hebben, hij verzorgt ze als ze ziek zijn, troost ze als ze bang zijn en maakt ze aan het lachen. Dat maakt hem een echte vader.’’

,,Twee maanden na de geboorte van Siobhan moest ik erkennen dat de relatie tussen Peter en mij op was. Het liep niet meer, we leefden langs elkaar heen en konden elkaar niet gelukkig maken. De zwangerschap was geen fijne tijd en in de kraamperiode was ik ook vooral verdrietig. Je gaat niet zo snel weg met twee kleine kinderen, maar blijven was ook geen optie. Ik vertrok samen met de kinderen. Na een paar maanden ontmoette ik Roy en toen ging het allemaal heel snel. We waren super verliefd en hij trok bij ons in. Roy koos niet alleen voor mij, maar meteen ook voor een kleintje en een baby. Dat was in het begin best moeilijk, maar onze band werd daardoor wel snel sterk.’’

Roy: ,,Vanaf het begin heb ik tegen Susanna gezegd dat ik net zoveel van de meiden houd als van haar. Zo is het ook. Ik was meteen stapel op ze en zij gelukkig op mij. Ze voelen als mijn eigen dochters. Maar hun vader is er natuurlijk ook nog. Ik wil zijn plaats helemaal niet innemen. We zijn gewoon allebei speciaal voor de meiden. We gaan ook allemaal goed met elkaar om. Peter komt hier thuis en we bespreken samen dingen over de opvoeding. Hij heeft er geen moeite mee dat ik zo’n hechte band met zijn dochters heb. Hij is er alleen maar blij mee. Hoe meer mensen van die meiden houden, des te beter. Het is wel eens raar. Ze noemen ons namelijk allebei papa, dus dat zorgt wel eens voor verwarring. Soms als hij hier is roept één van de twee papa. Dan kijken we automatisch allebei op. Dat is natuurlijk best raar, maar daar moeten we ook wel om lachen. De meiden hebben dat zelf bedacht. Sorcha vroeg opeens of ze mij papa mocht noemen. Ik was echt ontroerd. Siobhan is in ons huis opgegroeid dus bij haar ging het automatisch. Peter heeft daar gelukkig begrip voor.’’

Susanna: ,,Ik wilde heel graag een kindje van Roy. Ik droomde ervan om nog een keer zwanger te zijn. Om die negen maanden echt samen met hem mee te maken. En dat ik de ogen en het neusje van Roy terugzie in ons kindje. Maar Roy twijfelde. Hij vond twee kinderen genoeg. Hij ziet Sorcha en Siobhan als zijn eigen, dus had niet de behoefte om nog echt een kind van zichzelf te hebben. Op het moment dat ik er eigenlijk vrede mee had dat er geen derde zou komen, bedacht Roy zich. Hij vond het toch wel leuk weer een baby in ons gezin. Sorcha en Siobhan wilden ook dolgraag een broertje of zusje. Zeker Sorcha smeekte ons bijna om een baby. Ze is gek met kleintjes.’’

,,Het is een geweldige tijd. De zwangerschap was fantastisch en het was zo bijzonder om dit samen mee te maken. Roy leefde enorm mee. Als ik ergens last van had, was hij meteen bezorgd. Maar ook die meiden hebben deze zwangerschap heel bewust meegemaakt. Ze vonden het geweldig om op mijn buik te luisteren of de kleine te voelen schoppen. We hebben ze overal bij betrokken. Ik ben zo blij dat ik dit nog een keer heb mogen meemaken. Het was als een droom, zo goed ging alles. Storm is echt een cadeautje voor ons alle vier.’’

,,Er is toch wel iets veranderd. Sorcha wil wat meer aandacht van Roy. Ze is niet jaloers naar mij of haar broertje toe, maar ze vindt het best moeilijk om Roy te moeten delen. We hebben het er ook over gehad dat hij nu een kindje van zichzelf heeft. Dat is misschien best vreemd voor ze. Aan Siobhan merken we eigenlijk niets. Zij gaat altijd wel lekker haar eigen gang. Maar Sorcha claimt Roy nu meer. Ze hangt aan hem en vraagt meer aandacht. Ze wil nu bijvoorbeeld ook opeens zijn achternaam, net als de baby. Dat kan natuurlijk niet. Maar dat is haar manier om aandacht te eisen. Ze wil voelen dat Roy net zoveel van haar en haar zusje houdt als van de baby.’’

Roy: ,,Ik geef de meiden wel meer aandacht. Soms vergeet ik het omdat het ook wel druk is met een baby. Het is hier soms een kleine chaos in huis. Die kleine vraagt natuurlijk zoveel aandacht, dat de rest van het gezin er wel eens bij in schiet. Maar ik ben me er wel bewust van dat het best vreemd zal zijn voor Sorcha en Siobhan. Daarom geef ik ze ook zoveel mogelijk liefde. Het voelt voor mij alsof ik drie kinderen heb, maar eerlijk gezegd is het bij Storm wel een beetje anders. Ik houd van ze allemaal evenveel, maar er is een gevoel bijgekomen. Ik voel me opeens meer verantwoordelijk. Ik ben bezorgder en wil er voor mij zoon zijn. Niet alleen nu, maar ook in de toekomst. Dat gevoel heb ik ook wel bij de meiden gehad, maar het lijkt wel alsof dit echt een oerinstinct is dat van binnenuit komt. Heel bizar om dat opeens mee te maken. Dat gevoel is er gewoon opeens.’’

Susanna: ,,Ons gezin voelt nu echt compleet. Het woord halfbroertje komt bij de meiden niet voor. Volgens hen horen we allemaal gewoon bij elkaar. Voor hen is Storm echt hun broer en niets minder. Ik was van tevoren best bang dat ze het er moeilijk mee zouden hebben. Dat ze misschien toch een beetje jaloers zouden zijn of moeite hadden met het verdelen van de aandacht. Daar zag ik wel tegen op. Zeker omdat ze op zo’n jonge leeftijd al best veel mee hebben gemaakt. Het gaat gelukkig allemaal goed met mijn ex, maar het is natuurlijk geen ideale situatie. We proberen er het beste van te maken, maar het liefst had ik ze de scheiding bespaard. Toch heb ik waarschijnlijk meer last van een schuldgevoel dan dat zij zich rot voelen. Ze vinden het prima zo. Ze vroegen meteen heel lief of hun broertje ook mee mag als ze het weekend naar papa gaan. Peter reageerde daar heel positief op. Daar ben ik blij om. Het voelt goed zo met z’n allen.’’

 

 

 

 

Haar verhaal/zijn verhaal

Joanne (26) raakte na twee miskramen in een depressie. Ze genoot nergens meer van, zelfs niet van haar man Chris (28) en dochter Roos (2,5). Ze wil nog wel een twee kindje, maar weet niet hoeveel teleurstellingen ze nog aan kan. Chris wil het blijven proberen. 

Haar verhaal

‘’De aanloop naar de zwangerschap van Roos ging moeizaam. Ik stopte met de pil in de hoop snel zwanger te zijn. Maar mijn cyclus kwam niet goed op gang en ik bleek het PCO-syndroom te hebben. Zwanger worden is dus heel moeilijk voor mij. De eerste keer lukte het uiteindelijk na twee en een half jaar met hormonen. We gingen ziekenhuis in, ziekenhuis uit. Ik kreeg inwendige onderzoeken, werd getest, geprikt en we moesten op vaste tijden vrijen. Dat maakt het allemaal niet romantischer. Maar we wilden graag een kind, dus we gingen ervoor. Ik vond het moeilijk dat het zo lang duurde. Ik kon mij geen leven zonder kinderen voorstellen en was bang dat het niet zou lukken. Gelukkig was ik na verschillende behandelingen toch zwanger. Ik was zo ontzettend blij. Die negen maanden waren echt geweldig. Ik voelde mij op en top vrouw.

Ik droomde altijd van een groot gezin met veel drukte om mij heen. Dus toen Roos een jaar was, dachten we voorzichtig aan een tweede. We doorliepen hetzelfde traject, maar de zwangerschap eindigde in een miskraam. Dat was echt een klap in mijn gezicht. Het was alsof de grond onder mijn voeten wegzakte. Ik was gebroken en voelde mij leeg. Ik vond het heel moeilijk om dit verlies een plek te geven. Toen ik na een paar maanden weer zwanger was, kon ik dat nauwelijks bevatten. Diep van binnen was ik blij, maar ik durfde er eigenlijk niet aan toe te geven. Ik voelde mij wel helemaal zwanger. Ik was misselijk, moe en mijn lichaam veranderde. Dat gevoel had ik minder tijdens de vorige zwangerschap, dus ik hoopte dat het nu goed zou gaan. Maar helaas. Bij de echo bleek het hartje niet te kloppen. Vreselijk. Ik had weer een kindje verloren.

Dat was niet te verkroppen. Ik werd gek van verdriet. Ik keerde in mijzelf en zag het allemaal niet meer zitten. Ik sloot mij voor alles en iedereen af. Ik had nergens meer plezier in. Ergens wist ik dat ik blij moest zijn met Chris en Roos, maar ik kon zelfs niet meer van hun genieten. Van mij hoefde het allemaal niet meer. Chris probeerde mij te troosten en te steunen. Maar het hielp niet. Ik voelde mij alleen en kon niemand toelaten. Ik had nooit gedacht dat ik mij zo kon voelen. Ik ben altijd wel minder positief dan Chris, maar ik had nog nooit zo diep in de put gezeten. Ik was vreselijk tegen anderen. Mijn schoonzus was zwanger en durfde dat niet eens aan mij te vertellen. En dat was helaas terecht. Ik werd gek van jaloezie en wilde er niks over horen. Ik heb zelfs de hoorn op de haak gesmeten. Achteraf schaam ik mij rot. Ik snap niet hoe ik zo kon veranderen. Ik wist niet dat ik deze kant in mij had.

We zijn nu een paar maanden verder en inmiddels zijn we verhuisd. Die afleiding heeft mij goed gedaan. Daardoor kon ik de situatie meer van een afstand bekijken. Ik heb gerouwd om mijn kindjes en heb veel nagedacht over mijzelf. Ik wil nog steeds een tweede kind, maar niet meer ten koste van alles. Ik wil genieten van het leven. Ik ben dankbaar en gelukkig met het gezin dat ik heb. Ik ben uit dat diepe dal gekomen en wil de controle nooit meer kwijt raken. Dat was heel beangstigend. Het leven glipte tussen mijn vingers door en dat wil ik echt nooit meer. Dus hoe graag we ook nog een kleintje willen, dit doe ik mijzelf nooit meer aan. Ik wil echt nog wel proberen om zwanger te worden, maar blijf het niet achter elkaar proberen. Misschien nog twee pogingen en dan houdt het op. Dan is het ons niet gegund en leg ik mij daarbij neer. Dan gaat mijn leven verder.’’

Zijn verhaal

‘’Een tweede zwangerschap kan voor mij niet snel genoeg komen. Ik vind het geweldig met Roos en zou echt graag een tweede willen. Het is nu twee keer misgegaan, maar ik heb het gevoel dat het goed komt. Dat het een volgende keer wel gaat lukken. Daar vertrouw ik op. Het zal misschien wel moeilijk gaan, want dat was ook zo bij Roos. Maar ik geloof echt dat we nog een kindje kunnen krijgen. Joanne heeft dat vertrouwen minder. Ze aarzelt dan ook om het opnieuw te proberen. Die miskramen hebben haar enorm aangegrepen. Ze is bang voor de pijn als het misgaat. Bang dat ze weer in een diep dal terecht komt. Bang om zichzelf weer helemaal kwijt te raken. Het was een moeilijke tijd. Niet alleen voor haar, maar ook voor mij. Ik vond het vreselijk dat ik niks kon doen om haar uit dat dal te trekken. Ik heb van alles geprobeerd om haar zo goed mogelijk te steunen. Ik stond voor haar klaar en we hebben ontzettend veel gepraat. Maar toch kon ik haar soms niet echt bereiken. Ze was in haar eigen wereld.

Het is logisch dat het op haar meer impact had. Het gebeurt allemaal in haar lichaam. Zij voelde leven in zich groeien en haar lichaam veranderde. Dat is voor een man denk ik toch anders. Ik weet dat ze zwanger is, maar voel het niet zelf. Het gebeurt niet in mijn lijf. Joanne heeft voor haar gevoel echt twee kinderen verloren en dat is voor mij toch anders. Natuurlijk was ik enorm teleurgesteld. Het is alsof je vol goede moed en blijdschap ballonnetjes oplaat en die barsten dan uit elkaar. Dat is moeilijk. Maar toch kon ik er beter mee omgaan. Ik ga door en probeer positief te blijven. Maar misschien schuif in mijn verdriet daarmee wel meer aan de kant. Maar ik wilde ook sterk zijn voor Joanne. Zij had mij nodig. Ze heeft zoveel meegemaakt. Al die inwendige onderzoeken lijken mij vreselijk. En bij de tweede miskraam moest het levenloze vruchtje weggehaald worden. Dat was een hele pijnlijke ingreep. Dat heeft ze allemaal doorstaan, helaas ook best vaak alleen. Ik kon niet overal bij zijn vanwege mijn werk. Ik vind het moeilijk dat zij er soms alleen voor stond. Want daardoor hebben we het misschien toch anders beleefd. Ik was er in mijn hoofd wel mee bezig, maar het nam niet alles in beslag. Dat was voordat we Roos hadden anders. Ik ging toen overal mee naartoe en bij elk onderzoek en elke uitslag waren we samen. Ik was er zo mee bezig, dat mijn werk eronder te lijden had. Mijn baas heeft mij zelfs teruggezet in functie omdat ik foutjes maakte. Ik was er met mijn hoofd niet bij. De onzekerheid vond ik slopend. Waarom lukte het niet, zou het ooit lukken en zouden de medicijnen aan slaan. Maar het kwam goed en dat gevoel heb ik nu ook. Ik wil ook eigenlijk nog niet aan stoppen denken. Wel tijdelijk, maar niet voor altijd. Ik snap dat Joanne dat vreselijke gevoel niet meer wil hebben. Maar ik denk dat als we het nu even laten rusten, dat we er dan weer klaar voor zijn. Joanne is nu sterker. Ze is zelf uit dat dal gekropen en zal het niet meer zo ver laten komen. Deze ervaringen heeft onze band ook nog eens versterkt. Als het toch weer misgaat, zal het ons allebei weer raken. Maar ik denk niet meer op die manier. Ik droom nog steeds van een groot gezin en daar wil ik voor gaan. Ik hoop dat Joanne er uiteindelijk ook zo over denkt.’’

De namen zijn op verzoek veranderd.

 

 

Djinny beviel veel te vroeg tijdens een vakantie

Als het anders loopt dan je hoopte…

Djinny Bakker (25) vertrok eind juni met haar man Raymond (32) en zoontje Kyano (1) naar de afgelegen woning van haar ouders in Frankrijk. Ze was zeven maanden zwanger toen daar de weeën elkaar geheel onverwacht opvolgden. De bevalling ging zo snel dat er geen tijd was voor hulp. Djinny en Raymond brachten samen met een buurvrouw hun zoontje Mylo ter wereld.

 ,,Soms denk ik dat ik het allemaal heb gedroomd. Het is daar in Frankrijk zo plotseling en zo snel gegaan. Echt onvoorstelbaar dat we ons schatje zonder hulp op de wereld hebben gezet. Halverwege juni vertrokken we naar het huis van mijn ouders in het rustige en afgelegen Franse dorpje Rouffignac st Cernin de Reilhac. Het was de laatste keer voor de bevalling dat ik mijn ouders zou zien. Daar verheugde ik mij enorm op. Ik vond het ook heerlijk om nog even lekker met zn drietjes genieten voordat de baby kwam. Het liep alleen allemaal totaal anders.

Na drie dagen in Frankrijk kreeg ik opeens een kramperig gevoel in mijn buik. Het voelde vreemd aan, maar ik maakte mij verder eigenlijk weinig zorgen. Ik ben vroeg naar bed gegaan en bedacht dat het de volgende dag wel over zou zijn. Maar na een lange nachtrust had ik nog steeds dat gevoel. De kramp verergerde en de pijnen drongen zich elk kwartier op. Toen kneep ik hem opeens. Dit waren weeën! Dat kon toch niet. Ik was pas 31 weken en zes dagen zwanger. Helemaal van streek belde ik mijn verloskundige in Nederland en volgens haar moest ik gelijk naar de dokter. Toen ik ophing, wist ik dat ik dat niet meer zou redden. Mijn kind kwam er echt aan en de dokter en het ziekenhuis waren te ver weg. Ik lag op bed terwijl Ray een ambulance belde. Er schoot van alles door mijn hoofd. Het was te vroeg en de baby te klein. Bij de laatste controle lag het hoofdje nog niet naar beneden. Zou dat nu wel zo zijn?

Mijn ouders waren op van de zenuwen en maakte zich erge zorgen. Driftig liepen ze samen met Kyano door het huis en in de tuin, wachtend op de ambulance. Ook Ray had het niet meer. Maar ondanks onze zorgen, kregen we samen ook de slappe lach. Het was gewoon niet voor te stellen dat dit echt gebeurde. Maar toen de persweeën eenmaal begonnen, kwam er een bepaalde rust over mij. Ik werd heel nuchter. De zenuwen verdwenen en mijn gegiechel stopte. Ik zou er ook niks mee opschieten om als een kip zonder kop rond te rennen. Ik concentreerde mij en vertrouwde verder op mijn lichaam. Ik was niet bang voor de bevalling en wist wat ik kon verwachten. Bij mijn eerste bevalling had ik gelukkig goed opgelet. Ik ben nogal nieuwsgierig van aard en dat kwam nu van pas. Ook de buurvrouw van mijn ouders stond ons bij. Ze heeft een ehbo-opleiding gevolgd, had steriele doeken bij zich en sloot de gordijnen om het felle licht te dimmen. Mijn vliezen braken en ik lette goed op of het water helder was. Dit was gelukkig zo. Dat betekende dat onze baby het niet benauwd had gehad. Daarna ging het allemaal heel snel. Een paar persweeën en vijfentwintig minuten later was onze prachtige zoon er.

Mijn ouders waren bij de bevalling, want ik wilde dit met ze delen. In hun bijzijn kreeg ik mijn zoon met navelstreng en al in mijn armen. Dat was zo’n mooi moment. Met mijn vinger haalde ik slijm uit zijn mondje, gaf wat tikjes op zijn billetjes en hij begon te schreeuwen. Wij werden er allemaal stil van. Onvoorstelbaar dat hij er was. En dat we dit met elkaar hadden gedaan. Mijn vader heeft met tranen in zijn ogen de navelstreng doorgeknipt.  

We zaten op een roze wolk. Ons mannetje was zo mooi, Ray en ik waren op slag verliefd op hem. Ik voelde mij de gelukkigste vrouw van de wereld. Die eerste momenten waren ongelofelijk. Ik kon niet van hem afblijven en straalde alleen maar naar hem. Ik zat in een roes en maakte mij totaal geen zorgen dat hij te vroeg was geboren. Mylo was klein, maar woog toch nog ruim 2.5 kilo.

Tien minuten na de bevalling kwam de arts binnen. Hij was stomverbaasd. Even later kwam de ambulance en die bracht ons naar het ziekenhuis. Een arts nam Mylo mee en ook ik werd onderzocht. Ik was uitgescheurd en kreeg acht hechtingen. Dat interesseerde mij totaal niet. Het enige wat ik wilde was zo snel mogelijk naar mijn zoon. Met zo’n idiote gaasbroek aan en een schort om was ik een half uur later op zoek naar Mylo. Toen kwam de klap. Mijn kindje lag in een couveuse op de intensive care afdeling. Zijn longen waren nog niet gerijpt en hij had hulp nodig. Het was alsof de grond onder mij wegzakte toen ik hem daar zag liggen. Hij lag in een couveuse met allemaal draden aan hem. Al die apparaten om zo’n klein en fragiel lijfje heen. Ik vond het zo zielig, maar tijd om het te laten bezinken was er nauwelijks. Nadat Mylo gestabiliseerd was, werd hij direct per helikopter naar een groter ziekenhuis honderd kilometer verderop gebracht. Wij konden niet mee en werden per ambulance vervoerd. Daar aangekomen moesten we op zoek naar onze zoon. Echt iedere minuut was te lang. Eindelijk vonden we ons wondertje. Wat een emotie. Maar de blijdschap maakte al snel plaats voor angst. Want toen werd ons pas verteld hoe ernstig de situatie was. Volgens de arts moest hij waarschijnlijk zo’n vijf weken in het ziekenhuis blijven voordat hij naar huis mocht. Ik raakte helemaal over mij toeren. Wat was er met mijn kind aan de hand? Alles was zo goed gegaan en nu lag hij hier. De overgang was te groot.

Het werd een tijd waarin verdriet en blijdschap elkaar afwisselden. Natuurlijk was ik superblij en trots op mijn Mylo. Ergens vond ik dat ik niet mocht zeuren. Maar aan de andere kant voelde ik mij verdrietig. Ik wilde mijn kindje naar huis brengen. Hem in mijn armen nemen en aan de hele wereld tonen. Maar dat was onmogelijk. Ik kon hem wel aanraken, maar hij mocht niet uit de couveuse. Ik kon alleen maar over zijn kleine lijfje wrijven. Niks knuffelen of heen en weer wiegen. Vreselijk. Behalve Ray en ik mocht er ook niemand bij hem komen. Mijn ouders, Kyano, vrienden en familie die helemaal naar Frankrijk kwamen, konden hem alleen achter glas bewonderen.

We gingen elke dag langs en ook mijn ouders reden telkens op en neer naar het ziekenhuis met Kyano. De steun van de omgeving deed ons goed. Maar na tien dagen was iedereen op. Ray kon niet meer en ook Kyano trok de situatie niet langer. Mylo was inmiddels stabiel, dus we besloten dat Ray met onze oudste zoon naar huis ging. Mijn vriendin bleef bij mij achter. Het moment dat ze vertrokken viel mij heel zwaar. Kyano had mij toch ook door deze situatie heen getrokken. Hij was vrolijk, maakte me aan het lachen. Met zijn blije koppie zorgde hij ervoor dat de moeilijke momenten minder zwaar waren. Hij was heel lief en huilde ook nooit als hij weer met opa en oma mee moest. Maar nu had hij echt even zijn eigen omgeving, rust en de volle aandacht van zijn vader nodig.

Er volgden vier lange dagen voordat Mylo eindelijk per ambulancevlucht naar Nederland mocht. Mijn vriendin en ik vertrokken een dag eerder met de auto. Die dag thuis ging ik door een hel. Ik lag op bed en huilde alleen maar. Ik wilde niemand zien of spreken. Ik had een deel van mij achtergelaten in Frankrijk en dat voelde niet goed. Maar door eerder te vertrekken, konden we hem met z’n allen thuis opwachten. En dat wilden we heel graag. Niet dat hij al naar huis mocht. Hij heeft eerst nog tien dagen in Den Helder in quarantaine gelegen en daarna nog ruim twee weken in het ziekenhuis in Hoorn. Op woensdag 3 augustus mocht hij eindelijk naar huis.

Het is een slopende tijd geweest. We sjeesden weken heen en weer en zaten constant in onzekerheid of het goed met hem ging en wanneer hij nou weg mocht. Er had zoveel fout kunnen gaan. De emoties zijn vaak hoog opgelopen. Overdag hield ik mij goed voor mijn drie mannen, maar ’s avonds brak ik. Dan lag ik in bed te snikken. Ik was moe en wilde mijn kinderen bij mij hebben, maar in Frankrijk waren ze allebei ver weg. Ray en ik hebben elkaar enorm gesteund. We zijn er echt voor elkaar geweest. We hebben samen gehuild, gepraat en geschreeuwd. Net zo lang tot alles eruit kwam.

Nu gaat alles onwijs goed. Mylo groeit als kool en hij is een gezond en lief ventje. In zijn prille leven heeft hij wel al heel wat mee moeten maken. Ik had hem graag al die onderzoeken bespaard. Toch had ik deze periode niet willen missen. De bevalling was een wonder en in de tijd erna is de band heel hecht geworden. Je hoort wel eens dat couveuse kindjes zich slecht binden of andere problemen krijgen doordat ze in die eerste weken hun ouders en geborgenheid misten. Ik hoop dat Mylo dat nooit zo zal ervaren. Die beginperiode was voor ons bijzonder en intens. Elke dag zaten we aan zijn bed. Ik zong liedjes voor hem, vertelde verhalen en las sprookjes voor. Ik genoot van hem en straalde als ik in zijn buurt was. Zijn hand lag steevast in de mijne. Zelfs als ik kapot was en mijn ogen dichtvielen, lagen mijn armen in de couveuse en sliep ik met mijn hoofd erbovenop. De eerste gedachte toen Raymond hem op mijn buik legde, was dat Mylo heel speciaal was. En dat is hij zeker. Hij is nu al heel zelfstandig, maar ook zo aanhankelijk. Hij wil veel in mijn armen liggen. Hij wordt rustig als ik hem tegen mij aan druk en ik geniet intens als hij bij mij is. De twee maanden die hij korter in mijn buik heeft gezeten, zijn we nu ruimschoots aan het inhalen.‘’