K-1 legendes Hoost en Aerts vechten in Japan

Twee K-1 legendes nemen het morgen tegen elkaar op voor de WKO zwaargewicht titel in Osaka, Japan. Ernesto Hoost (49) en Peter Aerts (44) staan voor de zesde keer samen in de ring. ,,Het wordt zeker geen demonstratie of sparwedstrijd’’, verzekert Hoost.

Viervoudige K1-winnaar Hoost uit Hoorn is er klaar voor. Hij voelt zich goed en heeft de afgelopen maanden hard getraind om fit de ring in te stappen. Het is de zesde keer dat hij het opneemt tegen Aerts. Hij won drie keer, waarvan de laatste in 2006. Dat jaar nam hij afscheid van de sport, om afgelopen maart in Japan zijn comeback te maken. Hij won op punten van de Amerikaan Thomas Stanley.
,,Dat moment in de ring was fantastisch. Ik ben weer thuis, dat gevoel had ik echt. Sommige mensen zeggen dat ik gek ben geworden. Maar door de voorbereiding en die wedstrijd besef ik wat ik gemist heb.’’
Dat is niet de enige motivatie om weer de ring in te stappen. ,,Na mijn afscheid, had ik weinig behoefte aan een comeback. Dat is veranderd doordat ik onlangs ben gescheiden. Op zo’n moment ga je alles toch herstructureren. Je kijkt anders naar de toekomst, naar doelen, dromen en manieren om geld te verdienen. Vechten is het leukste dat ik ooit gedaan heb. Het is mooi als ik daarmee nog wat geld kan verdienen.’’

Niet bang
Hoost is niet van plan tot in lengte van dagen te vechten. Hij wil nog een aantal keer de ring in, afhankelijk van de uitkomst morgen. ,,Ga ik kansloos tegen de grond, dan houdt het op. Maar daar ben ik absoluut niet bang voor. Het is nooit makkelijk tegen Aerts, maar ik neem het graag tegen hem op.’’
Al is Hoost niet gespannen, spannend wordt het wel. De Hoornaar is er acht jaar tussenuit geweest, terwijl zijn tegenstander nog regelmatig wedstrijden vecht. ,,Ja, hij heeft meer ritme, maar daardoor zijn blessures ook doorontwikkeld. Dat kan in mijn voordeel werken. Hij heeft snel last van zijn schenen. Als ik zijn lowkicks goed blok, kan hij last krijgen. Maar ik richt me vooral op mijn eigen sterke punten. Ik voel me goed, ik heb vertrouwen.’’

Gevoelig
Hoost heeft de afgelopen 2,5 maand getraind voor deze wedstrijd. Hij heeft een betere voorbereiding gehad dan afgelopen maart. Hij was toen minder fit, maar zijn tegenstander was ook van een ander formaat. ,,Ik heb zwaar getraind, mijn conditie is beter en ik ben lichter. Er was toen kritiek over mijn gewicht, dat heb ik me aangetrokken. Het lag gevoelig. Het irriteerde me ook. Ik gaf mezelf letterlijk bloot en zat niet te wachten op kritiek. Aan de andere kant besef ik dat mensen zien wat ze zien en daarop reageren. Daarom heb ik beloofd dat ik er bij mijn volgende wedstrijd beter uit zou zien.’’

Dat is gelukt. Hoost ziet er fit uit, is conditioneel goed en gretig tijdens de trainingen. Hij spart en traint bij Ton Vriend van Sokudo Gym in Hoorn. Ondanks dat daar weinig vechters van zijn gewicht zijn, noch met zijn achtergrond, krijgt hij daar voldoende uitdaging. ,,Hier is niemand zoals Aerts, maar ook lichtere jongens kunnen veel druk zetten. Ik heb het mezelf wel moeilijker gemaakt door vermoeid aan het sparren te beginnen. Daardoor kon ik toch de druk voelen, zoals Aerts die kan zetten.’’

Senioren circuit
Deelname aan het event ‘Clash of the Legends’ voelt wel dubbel voor de viervoudig K-1 kampioen. Hoost had plannen om zelf een senioren circuit op te zetten. Om oudere vechters tegen elkaar te laten vechten, afgewisseld met jonge talenten.
,,Ik ben met mijn businessplan bij twee tv-stations in Japan geweest, maar er was geen interesse. Alleen kon ik het niet financieren, dus ik kon er niet verder mee. Jammer. Toen ik niet lang daarna voor deze wedstrijd werd gevraagd, wilde er niks mee te maken hebben. Dit was mijn idee, waar anderen mee aan de haal gingen. Aan de andere kant was het financieel aantrekkelijk, dus besloot ik mee te doen. Misschien kan ik straks toch iets betekenen in de organisatie. En anders in elk geval nog een paar mooie wedstrijden neerzetten.’’

NHD oktober 2014

‘Aan opgeven heb ik geen seconde gedacht’

Het is gelukt. Het team van ‘Iceman’ Wim Hof heeft binnen 48 uur de top van de Kilimanjaro bereikt, iets wat experts voor onmogelijk hielden. Elf van hen slechts gekleed in korte broek. Zeger Schoenmaker (32) uit Hoorn moest op 5700 meter door onderkoelingsverschijnselen een jas aantrekken, maar haalde de top. ,,Ik ben nog nooit zo diep gegaan.’’

Zeger Schoenmaker is euforisch. Zondagavond keerde hij terug uit Tanzania waar hij met een team van 23 mannen en 3 vrouwen tussen de 29-65 jaar de Kilimanjaro beklom. Normaal gesproken heeft een klimmer voor deze tocht van 6000 meter 5 tot 7 dagen nodig om te acclimatiseren. Bij een stijging van hoger dan 3000 meter neemt het risico op hoogteziekte toe. Dit begint met hoofdpijn, duizeligheid, verwarring en kan leiden tot long- en hersenoedeem en zelfs de dood. ,,Daarom noemden experts dit experiment levensgevaarlijk’’, vertelt Schoenmaker. ,,Maar wij waren door de Wim Hof Methode in staat de top in 46 uur te bereiken. De afgelopen maanden hebben we getraind met zijn methode, een combinatie van ademhalingtechnieken, focus- en koude training. Eén van de deelnemers is arts. Hij meent ook dat dit medisch wetenschappelijk onmogelijk is. Maar door de training konden we allemaal beginnende symptomen van hoogteziekte op een veilige manier onderdrukken. Dit experiment toont aan dat niet alleen Wim Hof onmogelijke dingen kan, maar iedereen die zijn methode volgt.’’

Het doel was om de berg in drie dagen te beklimmen, maar de deelnemers haalden zelfs binnen 46 tot 49 uur de top. Schoenmaker vond het tot 5700 meter onwijs zwaar, maar wel te doen. ,,Qua conditie ging het goed en we hielden ons strak aan de methode. Overdag zorgden we door een hoge ademhaling voor een overload aan zuurstof in het bloed. Bij elke stap adem je in en de volgende stap uit. Daardoor krijg je een grote hoeveelheid zuurstof in je systeem en voorkom je hoogteziekte. Ook tijdens de pauzes en ’s nachts deden we diverse ademhalingstechnieken.’’
De deelnemers begonnen de tocht met ontbloot bovenlijf. Elf van de 26 deelnemers bereikten de top, met een gevoelstemperatuur van rond de -20, ook slechts gekleed in een korte broek. Schoenmaker moest op 5700 meter hoogte noodgedwongen een jas aantrekken. Hij kreeg last van onderkoelingsverschijnselen. ,,Mijn hele systeem liep vast. Ik kon niet diep ademhalen, had geen controle meer en begon te hyperventileren. Ik moest een jas aan en toen ging het weer. De tocht was zo intens, zo zwaar. Het zwaarste wat ik ooit heb meegemaakt. Maar aan opgeven heb ik geen seconde gedacht. Ik ging nog liever dood’’, lacht Schoenmaker.
Vooral het laatste stuk was volgens de eigenaar van The Bootcamp Company zwaar. ,,In het begin dacht ik aan van alles. Aan de kou, mijn vriendin, onze kleine die straks komt. Aan het eind van de tocht sluit je je helemaal af. Je denkt nergens meer aan, alleen maar dat je je ene voet voor de ander moet zetten.’’
Schoenmaker is ongelofelijk trots en blij dat hij en de andere deelnemers de top hebben bereikt. ,,Het is onwerkelijk. We hebben bewezen hoe immens sterk ons lichaam is. Ademhalingstechnieken zijn niet voor geitenwollen sokken. Je kunt er je zenuwstelsel diepgaand mee beïnvloeden. Dat is kicken.’’

Januari 2014

Zweven in de lucht

Fun Jump: de naam zegt het al. Springen en gezelligheid tegelijk. Sinds een paar jaar kunnen recreanten bij Gymnastiekvereniging Kracht & Vriendschap op een ongedwongen manier de mooiste en moeilijkste sprongen leren in de turnzaal in Hoogwoud. Van salto’s tot flick flack, van streksalto’s met schroeven tot handoverslagen. ,,Zweven in de lucht, dat geeft zo’n vrij gevoel.’’

De turnzaal in De Weyver ligt vol zachte vloeren en landingssituaties. Dus al gaat het mis, draai je bijvoorbeeld veel te ver door bij een sprong, dan nog land je een zachte ondergrond. Daardoor kan iedereen met en zonder ervaring van alles proberen op de drie grote trampolines, de minitrampolines, de springplanken en de vrije oefening vloer.

De jongeren die op dinsdagavond aan een training Fun Jump meedoen, hebben allemaal duidelijk ervaring. Op de trampoline wordt hoog gesprongen en de draaien voorwaarts en achterwaarts, de combinaties en landingstechnieken zijn indrukwekkend. Zeker van de 14-jarige Tino Klaver uit Obdam. Hij werd zondag clubkampioen met zijn sprongen. De jongen heeft thuis een trampoline waar hij zo’n drie keer per week op springt, maar hij wilde zijn sprongarsenaal uitbreiden en besloot lid te worden van de gymnastiekvereniging. ,,Thuis probeerde ik van alles, maar hier heb ik geleerd om goed te springen. Zondag maakte ik een hele schroef op de minitrampoline en vijftien verschillende sprongen op de grote trampoline. Ik had veel geluk want het ging ongelofelijk goed’’, vertelt hij. ,,Springen geeft me een lekker vrij gevoel. Ik wil heel goed worden. De tweedubbele salto lukt meestal wel, nu ga ik voor de driedubbele. Super cool als me dat straks ook lukt.’’

Gymnastiekvereniging Kracht & Vriendschap telt zo’n 250 leden, waarvan 220 recreanten. Voor die groep zijn er allemaal verschillende soorten lessen, van Fun Jump tot Toestelturnen, van Freerunnen tot Trimgym. Fun Jump is er voor groepen tot dertien jaar en vanaf dertien jaar. Volgens hoofdtrainer Sjaak Kalverboer ligt het accent van deze sport op plezier maken. ,,Jongeren uit deze groep, zo rond de zestien en zeventien jaar, zijn soms moeilijk op gang te brengen. Ze zitten liever achter de computer of hangen op straat dan dat ze naar de sportschool gaan. Fun Jump is dan een goede manier om ze te laten bewegen. Het is uitdagend, gezellig en stoer. De meeste jongeren hebben thuis wel een trampoline, maar hier kunnen ze echt de techniek en de sprongen leren die ze graag willen doen.’’

Trainster Shalina Groenveld begint de les met een warming up op de vrije oefening vloer. In hoog tempo volgen radslagen, salto’s over hindernissen, bokkensprongen en handstandoverslagen zich op. Daarna wordt de groep van tien man in tweeën gesplitst en kunnen de jongeren, terwijl dansmuziek uit de boxen schalt, zich uitleven op de verschillende trampolines. Ze bepalen zelf de sprongcombinaties, de trainster helpt waar nodig. Tussendoor demonstreert ze soepel allerlei ingewikkelde sprongen. Een eitje voor haar, want de 23-jarige Pabo-student heeft op topsport niveau gesprongen. Ze deed in de jeugd mee aan het EK en de Olympische Spelen trampoline springen, behaalde diverse medailles op de trampoline en bij turnen. Ze sloot haar carrière vorig jaar af en geeft nu op verschillende locaties les.

Roxanne Deken (14) uit Hoogwoud springt vol enthousiasme en heeft duidelijk veel plezier tijdens de training. Met grote ogen kijkt ze naar een sprongcombinatie van Tino en brengt uit dat ze dat ook wil leren. ,,Ik heb thuis een trampoline, maar kwam niet verder dan hoog de lucht in. Hier zie ik allemaal combinaties die ik ook wil proberen.’’

Job Stam uit Warmenhuizen traint vandaag voor het eerst mee. Hij traint al twee jaar in zijn woonplaats, maar wilde de uitgebreide turnhal in Hoogwoud een keer proberen. ,,In Warmenhuizen zit iedereen standaard op voetbal. Ik ben geen voetbalpersoon en heb allerlei sporten geprobeerd, van judo tot fietscross en schaken. Dat vond ik niks, maar Fun Jump is het helemaal. Het is wat anders, ik vind het gaaf dat niet iedereen dit doet.’’

Mijn doel is om aan het eind van de les een salto te kunnen maken. De trainster bouwt het langzaam op. Eerst even wennen op een de trampoline die je met gemak hoog de lucht in lanceert. Daarna gestrekt landen, eindigen met een spagaat in de lucht, een koprol met de handen op de mat, met begeleiding een salto maken en uiteindelijk alleen. Ik eindig meerdere keren plat op de mat. Hoger springen en kleiner maken is het advies. Als ik dat goed doe, draai ik zover door dat ik met mijn gezicht in de kussens beland. Geen nette landing, maar de salto is gemaakt!

Fun Jump

Fun Jump

Bij Fun Jump wordt er op een ongedwongen, gezellige manier getraind aan alle aspecten van springen. Van koprollen tot meervoudige salto’s, van hurksalto’s tot streksalto’s met schroeven, salto’s over hindernissen en op de vloer, van flick-flack tot flack-flick en van een gewone handstand tot een handstandoverslag op de bok. Met behulp van grote en minitrampolines, springplanken en de vrije oefening vloer worden de technieken en nieuwe sprongen aangeleerd. Fun Jump wordt op dinsdag en vrijdag gegeven bij Gymnastiekvereniging Kracht & Vriendschap in Hoogwoud.

April 2012

 

 

 

 

 

 

 

 

Iemand uitschakelen met eenvoudige techniek

Een trap in het kruis, een draai van een arm, een onverwachte overname van een stoot. Het zijn verschillende verdedigingstechnieken die bij Krav Maga geleerd worden. De handelingen zijn niet lastig,zodat je ze juist in onveilige situaties als reflex kan uitvoeren. ,,Ik voel me veiliger op straat.’’

Krav Maga is een zelfverdedigingssysteem dat ontwikkeld is in het Israëlische leger. Wereldwijd wordt het geleerd aan strijdkrachtonderdelen, speciale eenheden, politie, beveiliging en burgers. In Hoorn geeft Krav Maga Noord-Holland sinds twee jaar les in een zaal van Sportcentrum Hoorn. Op donderdagavond en zaterdagochtend zijn er trainingen voor jeugd, tieners, beginners en gevorderden.

Bij de beginners doen zo’n 35 deelnemers mee, voornamelijk mannen. Na de warming up, die bestaat uit rennen, op handen en voeten naar de overkant snellen, als een salamander over de grond kruipen, buikspieroefeningen en opdrukken, worden er tweetallen gemaakt. We moeten de ander op het voorhoofd tikken, zonder zelf geraakt worden, er wordt gebokst op kussens en daarna komen verschillende technieken aan bod. ,,De ene les doen we meer aan techniek, de andere keer werken we meer aan conditie’’, vertelt trainer Marco van Breemen. ,,De technieken van Krav Maga zijn vrij eenvoudig. Het is ook de bedoeling dat je ze als schrikreactie kan uitvoeren. Als je bijvoorbeeld op straat wordt aangevallen, heb je geen tijd om na te denken wat je kan doen. Vandaar dat wij uitgaan van natuurlijke reflexen en daarnaast zorgen we voor een mind change bij de aanvaller. Krav Maga gaat niet om vechten, maar om jezelf verdedigen zodat je er daarna vandoor kunt gaan.’’

Van Breemen demonstreert hoe je verschillende stoten kunt ontwijken, een verrassingsaanval kan maken zoals bijvoorbeeld een trap of hand in het kruis. ,,De aanvaller verwacht dat niet, is even van zijn stuk waardoor jij een stoot of trap kunt uitdelen en veilig weg kunt rennen.’’

Iedereen kan het volgens Van Breemen leren, man, vrouw, jong, oud, ongeacht lichamelijke conditie of affiniteit met vechtsport. ,,Ik houd helemaal niet van vechten, maar dit is echt verslavend’’, zegt Nicole Vrieler (43) uit Grootebroek na de training. ,,Ik heb zelf nooit iets naars meegemaakt op straat, maar je leest zoveel over overvallen, aanranding of vechtpartijen dat het niet verkeerd is om jezelf te kunnen verdedigen. Dat is meegenomen, maar in eerste instantie doe ik het echt als sport. Lekker zweten, hartslag omhoog brengen, beter worden en na afloop een voldaan gevoel. Dit is voor mij genieten.’’

Van tevoren was Vrieler bang dat voornamelijk ‘louche types’ aan Krav Maga deden, het tegendeel is waar. De deelnemers zijn onder andere mensen die professioneel met geweld te maken hebben, winkeliers die wel eens overvallen zijn, mensen die zich zekerder willen voelen en anderen die zich gewoon lekker in het zweet willen werken. ,,Het is een hele gezellige groep, helemaal geen louche figuren of vechtersbazen. Iedereen traint voor zichzelf, maar we peppen elkaar op en de sfeer is heel goed’’, vertelt ze. Een andere deelnemer van 27 jaar vindt Krav Maga mooi om te doen omdat het zo’n realistische sport is. Een andere vechtsport is niks voor hem, maar bij Krav Maga gaat hij twee keer per week helemaal los. ,,De intensiteit van deze sport is hoog, daar houd ik van. Daarbij is het ook nog nuttig, als je zo de nieuwsberichten leest. Het geeft wel een kick dat deze sport zo realistisch is. Er zijn geen regels om je aan te houden, alles is geoorloofd om een aanvaller van je af te slaan.’’

Na het oefenen van verschillende technieken, is het tijd om ze uit te proberen. Een paar minuten vol stoten op een kussen om de hartslag omhoog te brengen. Daarna ogen dicht totdat mijn trainingsmaat het signaal van de aanval geeft. Als ik mijn ogen open doe, heeft hij mij vanaf de zijkant in een wurghouding. Met de ene hand geef ik een ruk aan zijn arm, de ander gaat richting zijn kruis. Daarna een trap op zijn knieën en ren ik richting de uitgang. Hoewel ik dacht dat de techniek er nog helemaal niet inzat, blijk ik instinctief toch het juiste te doen. ,,Iedereen heeft deze natuurlijke reflexen in zich, daar maken wij gebruik van’’, aldus de trainer. ,,Bij Krav Maga gaat het niet om mooie bewegingen of bijvoorbeeld punten maken zoals bij boksen. Het gaat erom dat je jezelf kunt verdedigen en de ander uit kunt schakelen. Ook als de aanvaller een mes of een pistool heeft, kun je jezelf verdedigen met de juiste reactie en een onverwachte beweging. Het doel is dat je bij een onveilige situatie veilig thuis komt. Dan ben je een winnaar.’’

Krav Maga

Krav Maga betekent in het Hebreeuws ‘contactgevecht’ en is het officiële zelfverdedigingssysteem van de Israëlische nationale politie en andere veiligheidsdiensten. Krav Maga is realistisch trainen tegen gewapende en ongewapende aanvallen en bedreigingen, gebruik makend van directe tegenaanvallen om zo de aanvaller (tijdelijk) uit te schakelen. Het systeem maakt gebruik van natuurlijke reflexen van de mens waardoor men na een korte periode van instructie veel kan bereiken. Krav Maga Noord-Holland geeft les in Sportcentrum Hoorn aan de Holenweg.

April 2012

‘Oubollig? Totaal niet!’

Terwijl door het hele land nauwelijks meer wordt gekolfd, leeft het oud-Hollandse kolven nog steeds in West-Friesland. Verenigingen organiseren competities, clubkampioenschappen, gezellige wedstrijdavonden en acties om nieuwe leden te werven. Want de sport is wel toe aan verjonging. ,,Het is echt niet alleen leuk als je grijs bent.’’

In café De Ridder in Berkhout is het op een doordeweekse avond gezellig druk. Er wordt gebiljart, er is een repetitie van de fanfare, gezelligheid aan de bar en achterin het café is de vloer naar het plafond gehesen zodat er op de kolfbaan die eronder ligt, gespeeld kan worden.

Op de maandag en dinsdagavond kolven de vrouwen van Kolfvereniging De Ridder St Joris, op de donderdag de mannen. De vereniging telt bijna 60 leden, waarvan de jongste 51 jaar is. De sport vergrijsd, dat is iets wat voorzitter Ina Jong tegen wil gaan. ,,Jongeren weten vaak weinig van de sport af’’, vertelt ze. ,,Als ze al iets over kolven weten, dan is het dat het gedaan wordt door oudjes. Terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn. Ook voor twintigers en dertigers kan dit een mooie sport zijn. Het vergt concentratievermogen en het is veel moeilijker dan mensen denken.’’

Op de baan staan twee schuine palen, drie spelers met ieder een slaghout (kliek) en een bal. De bedoeling is om de bal in drie slagen via de palen naar een plek te krijgen die zoveel mogelijk punten oplevert. In de eerste klap probeert de kolver de achterste paal te raken. In de tweede klap moet de bal via de achterste paal tegen de voorste worden geslagen. Bij de laatste slag moet de bal via de voorste paal zover mogelijk in het puntenvak terecht komen. Wordt er tijdens de slagen geen enkele paal geraakt, dan krijgt de speler geen punten. Het lastige is om de palen op een juiste manier te raken en de bal voldoende snelheid te geven om naar het hoogste puntenaantal te rollen.

Annie Beemsterboer-Vijzelaar was betrokken bij de oprichting van de vereniging in 1963. Sindsdien is ze verkocht aan de sport, ze heeft er nog steeds geen genoeg van. Ze speelt in de hoogste klasse, de superklasse, en werd twee keer Nederlands kampioen. ,,Het blijft een mooie sport, hoe lang je het ook doet. Het is altijd weer een uitdaging om zoveel mogelijk punten te behalen’’, vertelt ze enthousiast. ,,Vanaf de eerste dag geniet ik ervan. Ik heb altijd wel balgevoel gehad, speelde vroeger handbal en volleybal. Mijn vader was goed in biljarten en van hem heb ik spelinzicht gekregen. Ik ben altijd fanatiek geweest, ben echt een streber. Als ik goed sla, wil ik meer en zo gaat het al bijna vijftig jaar.’’

Gerda Koeman uit Bobeldijk is het jongste lid. Zij schreef zich in november in, kreeg net als andere nieuwe leden vijf lessen van een trainer en speelt sindsdien mee met de dames op de dinsdag. ,,Ik zag die vrouwen hier altijd bezig en dat leek me best leuk. Alleen wilde ik pas beginnen als ik gestopt was met tennis. Toch dat idee van dat je hier pas mee begint als je ouder bent. Maar ik zag ergens de aanbieding voor nieuwe leden met gratis lessen en besloot het te proberen. Een goede set, want ik vind het hartstikke leuk. Deze sport is helemaal niet oubollig.’’

Behalve de sport is kolven ook een sociaal gebeuren. Terwijl drie kolvers fanatiek op de baan staan, zitten de anderen aan tafel gezellig te kletsen. Onder het genot van een frisje, wijntje en bitterballen. Samen met Ina Jong speel ik een aantal series. Metend van de bal naar de paal, probeer ik erachter te komen in welke stand ik de kliek moet houden. Daarna buig ik mijn knieën, leunt mijn arm op mijn been en zwaai ik de kliek over de grond tegen de bal. De eerste slag gaat goed, daarna weet ik beide palen te raken met de bal. Bij de derde slag eindigt de bal in de tien, een hoge score. Puur beginnersgeluk, lijkt mij. Maar volgens de dames heb ik talent. ,,We hebben er een nieuw lid bij’’, klinkt het enthousiast. Dat is wat voorbarig. Ik vind het leuk voor een avond, het is telkens een uitdaging om de bal goed te raken en te plaatsen. Maar het is niks voor mij. Ondanks dat het een sport voor alle leeftijden is, zegt mijn gevoel eerlijk gezegd toch dat ik hier een stuk ouder voor moet zijn.

Kolven

Kolven was in de late middeleeuwen een populaire sport. Het Oud-Hollandse spel werd op diverse locaties in Nederland gespeeld. In 1885 werd de Koninklijke Nederlandse Kolfbond opgericht. In de loop der jaren was er minder animo voor de sport en sneuvelden veel kolfbanen. De sport wordt nu voornamelijk nog in West-Friesland gespeeld.

Kolven is een sport waarbij de bal met een slaghout (kliek) en een gummi- of sajetbal tegen een paal wordt geslagen en zo punten kunnen worden gescoord. Er wordt gespeeld op overdekte banen, meestal van 17.5 meter lang en 5 meter breed. Aan beide uiteinden staat een paal schuin in de grond. Daarachter zijn lijnen getekend met punten. De belangrijkste kunst van kolven is het geven van het juiste effect met de bal op de paal, in de juiste snelheid. In de regio wordt onder andere in Andijk, Berkhout, Hoogwoud, Opmeer en Venhuizen gespeeld. Meer informatie via de Kolfbond. www.kolfbond.nl

Maart 2012

 

 

Dansen op het ijs

Dansen op het ijs: op tv-programma’s ziet het er makkelijk uit. Op schaatsbaan De Westfries blijkt dat kunstschaatsen niet zo simpel is als het lijkt. Maar eenmaal een beetje sierlijk zwieren over het ijs, geeft een machtig gevoel. ,,Je voelt je zo vrij.’’

Op de schaatsbaan in het midden van de lange afstandsbaan wordt vijf keer per week getraind door De Westfriesche Kunstrij Club. Jonge meiden in mooie schaatspakjes draaien pirouettes, stellen doen zweefstanden terwijl ouderen ertussen door schaatsen met een foxtrot en rumba. De vloeiende bewegingen, het zwieren over het ijs, de soepele sprongen, het ziet er allemaal niet zo moeilijk uit. Maar schijn bedriegt. Het is al een kunst op zich om stevig op kunstschaatsen te staan en de basispassen te leren, laat staan om het geheel er sierlijk uit te laten zien.

Tussen alle schaatsers valt de jonge Minke Arp op. Het kleine meisje met lange blonde staart is pas acht jaar oud, maar laat allemaal ingewikkelde combinaties zien. De Rittberger voert ze foutloos uit en ook bij de Axel, die ze de meest moeilijke sprong vindt, landt ze keurig op één been. Het talentje schaatst vier keer per week en doet sinds dit schaatsseizoen mee aan landelijke wedstrijden. ,,Het liefst schaats ik elke dag’’, vertelt ze verlegen. ,,Ik word er blij van. Later ga ik bij Holiday on Ice werken, zodat ik altijd kan schaatsen.’’

Kunstschaatsen is niet alleen de passie van het jonge meisje, ook ouderen beleven veel plezier op de schaatsbaan. Twee stellen glijden innig over het ijs. Ze doen geen ingewikkelde liften, maar aan stijldansen op het ijs. Niek van Diepen uit Spierdijk danst als twaalf jaar op schaatsen. ,,IJsdansen geeft zo´n lekker gevoel. Het ijs geeft een bevrijdend gevoel’’, zegt hij enthousiast. Van Diepen is al 64, maar dat geef je hem niet als je hem zo soepel en elegant over het ijs ziet glijden. ,,Ons oudste lid is 76. Zo lang je niet bang bent om te vallen, kan je dit blijven doen. Ik heb nooit angst op het ijs, ik geniet alleen maar.’’

De Westfriesche Kunstrij Club bestaat sinds 2008 en heeft ruim 100 leden. De club geeft les in alle vier de officiële disciplines van kunstschaatsen: solorijden, paarrijden, ijsdansen en synchroon schaatsen. Xander en Marie-Louise Gijtenbeek, broer en zus, verzorgen de meeste trainingen. Ze hebben veel ervaring in alle disciplines, zijn meervoudig Nederlands kampioen synchroon schaatsen, deden mee aan internationale wedstrijden waaronder het WK.

Terwijl Xander druk is met het voordoen van schaatspassen, sprongen en combinaties, nemen andere schaatsers mij bij de hand om de basis te leren. Schaatsend diep door de knieën, korte wendingen, vooruit en achteruit figuren maken, een been liften, pootje over en uiteindelijk doe ik samen met Van Diepen zelfs een zweefstand, op één been en de andere de lucht in. Gewaagde sprongen en mooie pirouettes zoals Robin Snoeren (15) en Areke Bruggink (16) uit Hoorn zijn natuurlijk te hoog gegrepen. Dat vergt een goede basis, balans en heel veel oefening. De meiden trainen al jaren meerdere dagen per week. ,,Schaatsen is mijn leven’’, zegt  Snoeren vol overtuiging. ,,Het is uitdagend en spannend, omdat sprongen soms wel en soms niet lukken. Ik blijf trainen totdat ik alles perfect uitvoer en dan wil ik wel aan wedstrijden meedoen.’’ Bruggink schaatste eerst twee jaar op de lange baan voordat ze de kunstschaatsen aantrok. ,,Rondjes schaatsen vond ik saai. Kunstschaatsen is te gek. Op het ijs voel ik me vrij, alsof ik kan vliegen.’’

Wat is kunstschaatsen

Kunstschaatsen is een sport waarbij solisten, paren en groepen schaatsers rotaties, sprongen en andere bewegingen op het ijs maken, die meestal onder begeleiding van muziek worden uitgevoerd. Een serie van schaatselementen wordt een kür genoemd. Kunstrijden kent voer officiële wedstrijddisciplines tot op Olympisch niveau. Er is solorijden, paarrijden, ijsdansen en synchroon schaatsen. Bij wedstrijden draait het om de kunstigheid van de kür. De Westfriesche Kunstrij Club schaatst tot 1 juli vijf keer per week bij De Wesfries in Hoorn.

Maart 2012

‘Het imago van deze sport is slecht’

Schietsport is niet zo’n populaire sport. Wedstrijden op de Olympische Spelen worden nauwelijks uitgezonden en als het al in het nieuws komt, is het voornamelijk negatief. Liefhebbers van de sport betreuren dit. ,,Schieten is het mooiste dat er is.’’

Met klamme handen kijk ik naar het vuurwapen voor me. Ik ga straks schieten met dit klein kaliber pistool op de schietbaan van Schietvereniging Drechterland in Westwoud. Doel is de kleine cirkel op een papiertje wat aan een kabel naar tien meter wordt geschoven. Voorzitter Peter Senff geeft de laatste tips. Niet focussen op het doel, maar op de opening en het balletje op het pistool. Het balletje moet precies in het midden van de opening, aan beide kanten evenveel wit en de bovenkant evenwijdig aan elkaar. Het wapen nooit rondzwaaien of achteloos meedraaien als je je omdraait en na afloop vergrendelen. De vele regels van de schietsport maken duidelijk dat dit niet zomaar een sport is, maar dat beoefenaars een dodelijk wapen in hand hebben. Een gespannen gevoel bekruipt mij, als ik het wapen opricht en vijf kogels afvuur.

,,Het imago van deze sport is slecht’’, vertelt de voorzitter. ,,Als het in het nieuws is, is het altijd doordat een idioot heeft geschoten zoals in Alphen aan de Rijn. Maar zulke vreselijke gebeurtenissen zeggen iets over de persoon die doordraait, niet over de schietsport. Voor ons is schieten een sport in wedstrijdverband. De uitdaging ligt erin om die tien te raken vanaf een lange afstand.’’

De vereniging in Westwoud is 48 jaar geleden opgericht. Het telt zo’n 120 leden, waarvan vijf vrouwen en twintig jeugdschutters. De meeste leden schieten als hobby, er zijn rond de veertig wedstrijdschutters. Kinderen vanaf twaalf jaar mogen schieten, maar tot zestien jaar gebeurt dat alleen met luchtdruk wapens. Nieuwe leden moeten een verklaring omtrent het gedrag inleveren en worden daarna gekeurd door de toelatingscommissie van de vereniging. Nieuwelingen krijgen vijf individuele instructielessen op avonden dat de vereniging gesloten is, daarna volgt nog een gesprek met de toelatingscommissie en kan iemand lid worden of worden afgewezen. Na een jaar lidmaatschap en minimaal achttien schietbeurten per jaar, kan de vereniging een akkoord ondertekenen waarmee de schutter bij de politie een verlof kan aanvragen voor een eigen vuurwapen. ,,Mensen denken vaak dat leden van een schietvereniging allerlei wapens in huis hebben en kunnen doen wat ze willen, maar er zijn echt strenge regels aan deze sport verbonden. Het is ook niet zo dat elk lid een wapen mag bezitten. Daar moet je een goede reden voor hebben, bijvoorbeeld omdat je aan wedstrijden mee wilt doen en dat lukt niet met een verenigingswapen. De overheid is nu weer bezig om de eisen te verscherpen. Zonde, op deze manier komt de sport nog meer in een verdomhoekje.’’

De schietbaan in Westwoud heeft vijftien banen van 12,5 en 25 meter. Deze afstanden zijn alleen geschikt voor klein kaliber. De voorzitter schiet zelf ook met klein kaliber, maar vuurde voorheen groot geschut af. ,,Ik ben bijna 63 en zie niet meer zo goed op lange afstanden. Dan moet je daar dus mee stoppen. Jammer, want het is het mooiste dat er is. We zijn eens met een groep naar een schietbaan in Duitsland geweest. Daar heb je afstanden van 600, 800 en 1000 meter. Geweldig. Om de 200 meter staan langs de schietlijn vlaggetjes in de grond die de windrichting aangeven. Bij elke vlag kan dat anders zijn. Zorg dan maar eens dat je rekening houdt met de wind en toch loodrecht in de roos schiet. Dat is echt een sport.’’

Schieten is voor de leden een serieuze aangelegenheid. Ze zijn geconcentreerd bezig. De één liggend op de grond in complete wedstrijdoutfit, de ander neemt staand zijn tijd om te richten, met de andere hand in de broekzak. Er wordt tussendoor niet gekletst, geen grapjes gemaakt of gek gedaan. De gezelligheid bewaren de leden voor in de kantine. Jeroen van der Knaap uit Hoorn is meerdere keren per week op de schietbaan te vinden. Hij bezit vijf wapens en wil dit jaar het wedstrijdcircuit ingaan. ,,In 2006 stond ik door een collega voor het eerst op de schietbaan. Ik had toen geen hobby en was eigenlijk meteen verkocht aan schieten. Er is niks fijner dan hier anderhalf uur te schieten. Het is ontspannend, maar ook een confrontatie met jezelf. Je moet je in elke gemoedstoestand kunnen focussen’’, vertelt hij. ,,De wedstrijden ga ik in dynamische vorm doen, dat houdt in dat je een parcours aflegt met door dingen heen klimmen, erover heen klimmen, moet rennen en tussendoor op doelwitten schieten. Daar heb je dus ook nog conditie voor nodig.’’

banner

 

Foto Marcel Rob

Schietsport

De schietsport bestaat uit een aantal competitieve sporten waarin nauwkeurigheid, snelheid en het type geweer/pistool of doel het verschil maken. Er zijn verschillende vuur- en luchtdrukwapens, variërend van moderne schietsportwapens tot zeer oude voorladers uit vorige eeuwen.

Schieten is een Olympische sport die kan worden beoefend van recreatief tot topsportniveau. In Nederland zijn er bij de Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie (KNSA) circa 42000 geregistreerde schutters in de leeftijd van 9 tot 90 jaar. In de regio zijn diverse schietverenigingen. Bij Schietvereniging Drechterland wordt er geschoten op afstanden van 12,5 en 25 meter, in Hoorn is een schietbaan van 100 meter.

Maart 2012

Wandelen en teuten tegelijk

Het tempo zit er anderhalf uur goed in, de armen bewegen van voor naar achteren, terwijl we door de straten en een park in de Kersenboogerd wandelen. Tijdens het Nordic Walking zijn de dames druk met elkaar in gesprek. ,,Nordic Walking is sporten en teuten tegelijk.’’

 

Elke dinsdagavond wandelt een groep dames met stokken van Sport Wandel School West-Friesland door de wijk Hoorn Kersenboogerd. Altijd een ander rondje, wisselende straten, langs Oosterblokker, voetbalvelden, spoorweg en door parken. Normaal duurt de training een uur, soms is de groep na anderhalf uur pas bij het eindstation wijkcentrum Kersenboogerd voor een kop koffie of thee. Voorafgaand aan de wandeling gaan de stokken aan de kant en is er in het gras een korte warming up. Daarna is de beginpositie altijd hetzelfde: linkervoet voor en rechterarm met stok voor en wandelen maar. ,,Het lijkt misschien makkelijk, een beetje rondwandelen met twee stokken. Maar de techniek is nog best lastig om onder de knie te krijgen. Alleen met de juiste techniek gebruik je de arm en rugspieren en word je dus niet alleen in de benen maar ook in de bovenkant krachtiger’’, vertelt begeleidster Rita Haring.

De juiste techniek houdt in rechtop staan, schouders laag, de stokken losjes in de handen, loslaten zodra de arm naar achter zwaait en weer vastpakken als de arm naar voren gaat. De stok gaat schuin naar achter en je duwt je als het ware vooruit door de weerstand van de stok op de grond. ,,Nordic Walking is intensiever dan sportief wandelen. Je loopt sneller doordat je jezelf als het ware vooruit duwt. Iedereen kan het. Heb je een beperking, zoals een kunstheup of heb je bijvoorbeeld suikerziekte, dan kan je toch lekker blijven sporten. Iedereen, maar juist ook die mensen, heeft veel baat bij Nordic Walking.’’

Nordic Walking, en wandelen in het algemeen, is volgens Haring behalve goed voor het lichaam, goed voor de geest. Het is volgens haar een fijne manier om het hoofd leeg te maken. Daar weet ze zelf alles van. Toen haar man tien jaar geleden overleed, bleef er een enorme leegte achter.

,,Als je me tien jaar geleden had gezegd dat wandelen mijn passie zou worden, had ik je waarschijnlijk uitgelachen. Ik was druk met hele andere dingen. Maar nadat mijn man overleed ben ik uren gaan lopen. Ik moest mijn gedachten op een rij zetten, met mijn verdriet omgaan en dat deed ik door te wandelen. Ik maakte hele tochten, hier in de buurt of op het strand en de bossen’’, vertelt ze. ,,Toen ik een keer verdwaalde besloot ik me bij een wandelclub aan te sluiten. Hier werd ik snel gevraagd als instructrice en heb ik de benodigde papieren gehaald. Het is zo’n goede set geweest. Wandelen is mijn leven. Naast de trainingen die ik geef, wandel ik nog minstens twee keer per week.’’

Niet alleen het lopen zelf zorgt voor een leeg hoofd, ook het sociale aspect van deze sport moet volgens de wandelfanaten niet worden onderschat. Want naast de laatste nieuwtjes en roddels, wordt lief en leed met elkaar gedeeld. ,,Het is gezellig, er wordt veel gelachen. Maar we praten ook over de moeilijke dingen in het leven. Er wordt hier niet geoordeeld of veroordeeld. Dat is fijn’’, vertelt Ria Rozemijer (51). Elke week rijdt elke week van Nieuwe Niedorp naar Hoorn om te wandelen. ,,Via een vriendin kwam ik bij deze wandelschool terecht en dat beviel meteen. Deze groep is heel gezellig, ik voel me hier thuis. We wandelen niet alleen op onze vaste dag, we maken ook lange tochten op andere locaties en ik ga voor het derde jaar mee op wandelvakantie. Geweldig dat zoiets wordt georganiseerd!’’

Conny Albers (53) uit Hoorn combineert Nordic Walking met sportief wandelen. Ze wandelt zo’n twee tot drie keer per week en doet voor de 26e keer mee aan de Nijmeegse vierdaagse. ,,Ik vind zowel Nordic Walking als gewoon wandelen leuk. De stokken geven iets meer beweging, je traint ook het bovenlichaam. Dat vind ik een pluspunt. Het is een heerlijke sport, niet blessuregevoelig en na een fikse wandeling voel je je fit en energiek. Gelukkig ontdekken ook meer jongeren deze sport. Het is echt niet alleen voor grijze koppies, iedereen geniet toch van wandelen in de buitenlucht.’’

Nordic Walking

Nordic Walking is wandelen met aangepast skistokken, poles genoemd. Deze sport is in Finland ontstaan als zomertraining voor langlaufers. Sinds 2003 wordt de sport in Nederland beoefend.

De poles zijn licht en met bandjes aan de hand verbonden. Hierdoor kunnen ze ook losgelaten worden, zonder dat je ze kwijt bent. Door de armbewegingen train je tijdens Nordic Walking ook de arm en rugspieren. Sport wandel School West-Friesland bestaat sinds 1998 en verzorgt elke dag diverse wandelingen in de regio, waaronder Hoorn, Bovenkarspel, Hauwert en Hoogkarspel. Nordic Walking, sportief wandelen, trainen voor de Vierdaagse, lange tochten en wandelvakanties: het kan allemaal bij de wandelschool. De vereniging telt zo’n 400 leden in de leeftijd van 50 tot 80 jaar. De meeste leden zijn vrouw, maar er zijn ook mannelijke wandelaars.

Maart 2012

Functioneel bewegen in gekleurde zaal

Een aparte ruimte met gekleurde muren, materialen en vloer. In een opvallende hoek van Sportcentrum Hoorn worden sinds kort FunXtion-trainingen gegeven. Een nieuwe fitnessmethode die fitness aantrekkelijker moet maken. ,,In het begin was ik sceptisch, maar het werkt echt.’’

In de grote witte zaal met fietsen, stepapparaten en ander fitnessapparatuur, valt de FunXtionhoek meteen op. Gekleurde wanden met foto’s, gekleurde vloer, ballen, zakken, dumbells en andere materialen in frisse kleuren. In de speciaal ontwikkelde ruimte worden bijna elke dag twee lessen FunXtion gegeven. Trainingen van een half uur voor maximaal zestien personen. Deelnemers doen in twee of drietallen een circuit en gaan een half uur lang aan één stuk door. Trainer Eric heeft goed overzicht over alle deelnemers, helpt iedereen individueel als dat nodig is en zweept de sporters enthousiast op.

We beginnen met sprongen door een ladder die op de grond ligt. Dribbels, knieën de lucht in, zijwaarts en met kleine sprongen naar de overkant. Daarna bestaat het circuit uit stoten bij een bokszak, dribbels door de ladder, powerbags die worden gelift, kettlebells voor de armspieren, squats met gewichten en grote ballen waar je op ligt en een kleinere bal van links naar rechts zwaait voor de buikspieren. ,,Bereid je maar voor’’, zegt instructeur Leslie Voorzaat lachend. ,,Het is zwaar, dus dit ga je echt voelen. Ik ben toch aardig fit, maar had dagen last van spieren die ik normaal nooit voel.’’

Toch kan je de training zo zwaar maken als je zelf wilt. Alles is afhankelijk van snelheid en kracht. Ben je een beginnende sporter dan voer je de oefeningen rustiger uit, fitte sporters kunnen overal de zwaarste gewichten pakken en het tempo opvoeren. Voorzaat: ,,Het is een mooi concept. Ik was op zoek naar losse materialen voor functionele bewegingen en kwam toen de Nederlandse bedenkers van dit concept tegen. In het begin was ik sceptisch. Er werken hier goed opgeleide instructeurs en wij kunnen dit zelf ook wel bedenken, leek mij. Maar het blijkt een goed concept met veel uitdagingen voor alle soorten sporters. Mendel en Ernst leveren alle materialen en programma’s en richten de zaal helemaal in. Dat scheelt ons een hoop werk. De producten zijn goed en ze geven een goede opleiding. De trainers en de sporters vinden het top.’’

De FunXtionhoek kwam in december en sinds een maand kunnen leerlingen lessen volgen. Er wordt langzaamaan meer gebruik van gemaakt. Volgens Voorzaat zijn veel mensen toe aan vernieuwing in de sportschool. ,,Er is een verschuiving van het werken met traditionele toestellen naar functioneel bewegen. Mensen willen terug naar de basis. Dat zie je ook met sporten als bootcamp. Sporters werken graag in kleine groepen aan kracht en conditie. Ze willen fit worden met oefeningen waar ze in het dagelijks leven ook wat aan hebben. Dat doen ze bij FunXtion.’’

Tijdens de training zijn alle tien deelnemers enthousiast bezig. Een beginneling neemt haar tijd voor de oefeningen, andere deelnemers blijken dit vaker te doen en springen snel en soepel door de ladder. Voor Achmed Afkiri is het de tweede keer dat hij meedoet aan FunXtion. Hij is gespierd, maar noemt zichzelf geen fitnesstype. Hij doet aan taekwondo en vindt fitness saai. Maar deze nieuwe methode vindt hij wel uitdagend. ,,Het zijn leuke oefeningen om aan mijn conditie te werken en spieren te versterken. Het is niet heel zwaar, maar wel een lekkere manier om de spieren te prikkelen. Ik heb een tijdje niet gesport en moet even wennen aan de bewegingen. Maar het is weer eens wat anders, dat maakt het voor mij interessant.’’

Funxtion

FunXtion werd een jaar geleden ontwikkeld door de Nederlanders Mendel Witzenhausen en Ernst de Neef. Volgens de bedenkers wordt fitness als saai en niet motiverend ervaren. Met FunXtion willen zij fitness aantrekkelijker maken. Het concept, met speciaal ingerichte zone, muziek, opvallende materialen en licht, is inmiddels bij diverse sportscholen geïntroduceerd.

Bij Funxtion trainen kleine groepen van 8 tot maximaal 24 personen onder begeleiding van een trainer. Het concept bestaat uit zeven programma’s van 30 minuten waarbij gewerkt wordt met onder andere kettlebells, powerbags, medicine balls en bokszakken. Bij Sportcentrum Hoorn staat FunXtion van maandag t/m vrijdag ’s ochtends en ’s avonds op het programma.

Februari 2012

 

‘Skatehockey is totaal onbekend’

Lichtelijk gespannen begeef ik mij richting de Oranjehal in Spanbroek voor een les skatehockey bij de Bitin Barracudas. Nog nooit gehockeyd, met nauwelijks skate-ervaring en gebrek aan spelinzicht, lijkt deze sport mij lastig. Ondanks mijn gebrek aan talent, is het een hele leuke en komische ervaring. 

Bij een training skatehockey hoort een hele uitrusting. Ik krijg beschermers voor hoofd, borst, ellebogen en benen. De mannen en één vrouw staan al klaar op de baan in de Oranjehal in Spanbroek. De bal vliegt van de ene kant van de zaal naar de andere, de deelnemers skaten er lustig op los. Beelden van ijshockey met body-checks waarbij het bloed alle klanten opspat en spelers tegen plexiglas ramen knallen doemen voor mij op, maar bij skate hockey gaat het er minder hard aan toe. Bij de jeugd zijn body-checks verboden en ook bij senioren zijn de confrontaties niet zo fel.

De les van Jeroen Klappe uit Wognum begint met rondjes skaten als warming up. Daarna gaat Klappe op doel en proberen de spelers één voor één vanaf de cirkel te scoren. Een onmogelijke opgave voor iemand die in een ver verleden eens heeft geskate en niet kan hockeyen. Maar ik waag het erop. De ballen gaan richting het doel en ook het aanspelen van de bal richting een speler bij een pion gaat redelijk. Alleen tijdens het spelletje blijkt wel hoe moeilijk deze sport is.

,,Zonder enige ervaring is het lastig om mee te komen in het tempo. Skate je vaker, dan is het nog moeilijk om dit tegelijkertijd te doen met een stick en een bal’’, vertelt Klappe. ,,Maar het is zeker niet onmogelijk. We maken voor nieuwelingen een persoonlijk plan zodat iedereen het kan leren. De uitrusting mogen mensen een tijd lenen zodat ze eerst weten of deze sport iets voor ze is. Op die manier willen we de drempel laag houden.’’

De Bitin Barracudas bestaat zo’n twintig jaar. Spanbroek is naast Amsterdam de enige plek in Noord-Holland waar skatehockey wordt gespeeld. Er wordt gesport in een soort gymzaal, dat is vrij uniek voor deze sport. Er wordt meestal buiten gespeeld. De club telde eens zeventig leden, tegenwoordig zijn er nog maar tien senioren en 12 jeugdleden. Klappe wijt dit aan het feit dat de sport onbekend is en wordt geassocieerd met ijshockey. ,,Mensen zijn bang dat dit agressief is, vergelijkbaar met ijshockey. Ik denk dat ouders hun kinderen daarom liever naar voetbal of tennis brengen. Dat beeld is onterecht, er gebeurt eigenlijk nooit iets. Zeker bij de jeugd zijn confrontaties niet toegestaan en bij senioren gaat het er ook veel minder hard aan toe. Je mag elkaar wel raken, maar de enorme clashes die je op het ijs ziet komen hier niet voor.’’ Hij gaat verder: ,,Daar komt bij dat veel mensen niet weten dat wij er zijn en ook niet weten wat we hier doen. We hebben zelf al onze vrienden al meegenomen en mensen laten kennis maken. Maar het zou leuk zijn als er weer wat nieuwe gezichten komen. Zeker omdat het een geweldige sport is. Bovendien is het een betaalbaar alternatief voor ijshockey.’’

Skatehockey is echt een passie voor Klappe. Hij is keeper van het team, traint jeugd en senioren en probeert meer bekendheid te geven aan de sport door clinics en evenementen te organiseren. Ook de andere spelers zijn enthousiast over hun sport. Jeanine Langereder uit Benningbroek is het enige vrouwelijke lid van de vereniging. Zij speelt met de mannen mee in de competitie. Geen probleem want skatehockeyteams zijn gemengd. ,,Tijdens een gabberweek zes jaar geleden deed ik een keer mee en ik vond het meteen hartstikke leuk’’, vertelt ze. ,,Het gaat snel en het is een uitdagende sport. Het is weer eens wat anders dan hockey, turnen of voetbal. Het geeft een kick om de bal van de tegenstander af te pakken en met de juiste techniek en tactiek te winnen. Het is een gezellig team en de trainingen een lekkere uitlaatklep.’’

Streethockeyteams bestaan uit vijf spelers. Tijdens de training nemen de leden het tegen elkaar op in een wedstrijdje. Vaart maken, draaien en keren op skates, op de bal en de tegenstanders letten, overzicht houden en scoren: blijkt een moeilijke opgave. Maar wel levert wel hele leuke, komische en gezellige taferelen op.

Skatehockey

Skatehockey vindt zijn oorsprong begin jaren tachtig toen rollerskating populair. Er werden regelmatig rollerdisco’s gehouden en tochten georganiseerd. Op meerdere plaatsen in Nederland werd in groepjes met een tennisbal en ijshockeystick een vorm van inlinehockey gespeeld. Skaters uit Amsterdam kwamen erachter dat deze vorm van hockey ook in Rotterdam werd gespeeld en zo ontstonden de eerste wedstrijden.

Eind jaren tachtig speelden er zo’n zes teams in Nederland en werd de sport ondergebracht bij de NCS: de Nederlandse Cultuur en Sportbond. Vandaar uit is streethockey/skatehockey populairder geworden en kunnen teams meespelen in een landelijke competitie. Bij vereniging Bitin Barracudas in Spanbroek wordt er elke woensdag getraind en op maandag spelen liefhebbers een wedstrijd.

Maart 2012