Heerlijk, die intieme momenten samen

Die kleine handjes, zachte haren, geur en de geluidjes die ze maken.. Baby’s, ik ben er gek op! Altijd al geweest. Als er in mijn omgeving een baby geboren wordt, kan ik niet wachten om hem in mijn armen te nemen. Op kraambezoek kom ik zelfs al met vochtige ogen binnen. Nieuw leven, zo’n lief klein hummeltje, het ontroert me. En nu heb ik zelf weer een baby, heerlijk!

En wat voor een baby: Ian is onze kleine boeddha, lekker bol en vrolijk. Hij is heel relaxed, tevreden en lacht veel. Vooral naar Kaya. Of ze nou tegen hem kletst, voor hem zingt of danst, hij moet altijd lachen. Zo lief! De wisselwerking tussen die twee is zo ongelofelijk speciaal, dat had ik van tevoren niet kunnen bedenken.

Kaya is een trotse grote zus. Ze is natuurlijk al 4 en maakt alles daardoor heel bewust mee. Het grote leeftijdsverschil was niet zo gepland, het ging tussendoor helaas twee keer mis. Nu vind ik dat verschil eerlijk gezegd heel fijn. Kaya vindt het leuk om te helpen, is stapelgek op haar broertje. Ze snapt veel en is daardoor ook niet jaloers. Als ze op school is, heb ik heerlijk alle tijd voor Ian. Is Kaya thuis, dan doe ik hem meestal in de draagdoek. Hij vindt het heerlijk, slaapt urenlang en ik heb mijn handen vrij voor Kaya. Gezellig samen knutselen, wandelen met de hond, naar de speeltuin of het poppentheater met Ian lekker dichtbij me. Ideaal!

Ik geniet van al die momenten, net als van de borstvoeding. Heerlijk dat warme lijfje tegen me aan, dat handje op mijn borst. Ik heb het geluk dat het voeden zo goed gaat. Had ik bij Kaya drie borstontstekingen, nu gaat het zonder problemen. Bij Kaya heb ik na zes maanden fulltime borstvoeding langzaam afgebouwd in drie maanden. Ik vond het moeilijk om te stoppen, heb echt wel tien keer de laatste voeding gegeven. Dat zal nu niet anders zijn. Helemaal omdat dit waarschijnlijk toch onze laatste is.

Omdat de borstvoeding zo goed gaat, stel ik het oefenen met de fles steeds uit. Ik neem me voor om te kolven, een voorraadje op te bouwen voor als ik straks weer aan het werk ben, maar dat lukt nog niet echt. Te druk, vergeten of geen zin. Vooral dat laatste want ik heb een hekel aan kolven. Zo’n zuigend en klokkend apparaat, daar hang ik, zoals waarschijnlijk de meeste vrouwen, niet voor mijn plezier aan. En omdat ik wat langer verlof neem, is de noodzaak er ook nog niet echt.

Maar opeens is die er wel. Door aan aanval van nierstenen, moet Timo ’s avonds met mij naar de eerste hulp. Mijn moeder komt om op Kaya te passen, maar wat doen we met Ian? Ik kan hem niet thuislaten, wat als hij honger krijgt? Ik heb niet gekolfd en hij weet niet hoe een flesje werkt. Ik kan hem moeilijk meenemen? Er zit niets anders op dan hem slapend uit zijn wiegje te halen en in de maxi cosy te leggen. Terwijl ik in een ziekenhuisbed verrek van de pijn, leg ik hem aan als hij wakker wordt. En als de arts morfine wil geven, weiger ik resoluut.

Zo stom dat ik hem niet heb geleerd om uit een flesje te drinken. Dat Ian zo afhankelijk van mij is. Als we thuis zijn gaan we meteen oefenen en een voorraad opbouwen. Lang leve mijn kolfapparaat!

Michèle Hartog is freelance journalist en vertelt in WIJ Jonge Ouders over haar leven met Timo, hun dochter Kaya (4) en zoon Ian (2 maanden)

WIJ Jonge Ouders december 2016/januari 2017

Fotografie: Anouk de Kleermaeker.

Waarom heb ik dat hoofdstuk over persen niet gelezen?!

Urenlang dwaal ik rond op internet op zoek naar informatie om de bevalling op te wekken. Mijn vliezen zijn gebroken en als er niets gebeurt, word ik overmorgen ingeleid. Dat wil ik niet. Het liefst wil ik zo natuurlijk mogelijk bevallen. HypnoBirthing, dat heb ik voor ogen.

Verse ananas, lange wandelingen (geen goed plan met stromend vruchtwater), seks (dat kan dan weer niet met gebroken vliezen). Het kan allemaal de bevalling opwekken, net als voetreflex. Ik besluit dat laatste te proberen en ’s avonds komt een masseuse langs die mijn voeten vakkundig bewerkt.

Rond twee uur ’s nachts voel ik gerommel in mijn buik. Dit zijn weeën! Er schiet van alles door mijn hoofd. Gaat de geboorte goed, hoe ziet hij eruit, wordt het weer liefde op het eerste gezicht en kan ik echt net zoveel van hem houden als van Kaya? Als de weeën na een uur sterker worden, maak ik Timo wakker en bel m’n moeder die met een wit gezicht binnen komt. Ik geef haar een zoen, zeg dat het goed komt en Timo en ik rijden blij en gespannen naar het ziekenhuis.

 

Mijn ontsluiting kan niet worden gemeten, vanwege infectiegevaar door de gebroken vliezen. Maar de verloskundige heeft niet het idee dat het zo’n vaart zal lopen en laat ons alleen. Zelf denk ik wel dat het snel gaat, de weeën zijn krachtig. Timo weet dat als ik mijn hoofd naar rechts draai en m’n ogen sluit, ik een wee heb. Een teken dat hij zijn mond moet houden, zodat ik me op mijn ademhaling kan richten. Langzaam in, nog veel langzamer uit. Ik laat mijn lichaam slap worden als een lappenpop. Dat gaat heel goed. Rond 6 uur stelt de verpleegster voor om te douchen. Ook zij denkt dat het nog een tijd duurt. Eenmaal onder de douche, voel ik dat ik moet persen. ‘Hij kommmmmmmt!’, roep ik. Ik heb 7 centimeter ontsluiting en tien minuten later mag ik al persen. Shit … in het boek over HypnoBirthing wordt beschreven hoe je de baby rustig naar buiten kunt ‘ademen’. Zonder kracht te zetten. Ik ben niet aan dat hoofdstuk toegekomen, dacht nog een paar weken te hebben. Waarom heb ik het nu niet nog snel doorgenomen?!

Als ik een brandende pijn voel, kan ik maar één ding doen: met alle kracht die ik heb de baby eruit persen. Niks naar beneden ademen, ontspannen en visualiseren. Gewoon keihard persen zodat die pijn verdwijnt. Na vier persweeën wordt het mooiste mannetje van de wereld op mijn buik gelegd. Ian Reed Luca. Onze zoon. 2930 gram. Zo klein, zo mooi, zo volmaakt. Wat houd ik meteen van hem. Tranen rollen over onze wangen. Ik ben zo trots. Op Ian, op Timo die me zo goed heeft aangevoeld tijdens de weeën en aangemoedigd tijdens het persen. En op mijn lichaam dat het weer zo goed heeft gedaan. Geen horrorbevalling, helse pijnen of urenlange weeën, maar een mooie geboorte van ons wonder.

Ik kan niet wachten totdat Kaya komt. Verlegen komt ze binnen, met een tekening voor Ian in haar hand. Ze moet even wennen, maar geeft hem dan voorzichtig een kus op zijn hoofd. Ik schiet weer vol als ik naar Timo kijk met onze prachtige kinderen. Wauw.. ik heb een dochter en een zoon.

Michèle Hartog is freelance journalist en vertelde de afgelopen tijd in elke WIJ Jonge Ouders over haar zwangerschap. Ze is getrouwd met Timo, moeder van Kaya (4) en nu bevallen van de tweede!

WIJ Jonge Ouders oktober 2016

Fotografie: Anouk de Kleermaeker.

 

 

 

 

 

 

Werken leidt tegenwoordig steevast naar online babyshoppen

Yes, 36 weken zwanger! Deze keer geen vroeggeboorte zoals bij Kaya. Wat een opluchting. En wat zijn de weken voorbijgevlogen. We zijn gewoon al bijna een gezin van vier.

Aan de ene kant kan ik niet wachten, aan de andere kant hoop ik dat het nog even duurt. Ik vind zwanger zijn zo bijzonder. Ik geniet van dat leven, dat getrappel in mijn buik. Van kwaaltjes heb ik nauwelijks last. Ja natuurlijk ben ik wat sneller moe, heb ik soms pijn net onder mijn ribben en is mijn gezicht opgeblazen. En ook mijn armen en benen zijn omringd met een laag vet. Spieren? Ik zie ze niet meer. Mijn kont? Die is inmiddels verdrievoudigd. Maar dat weerhoudt me er niet van om strakke jurken te dragen, want die mooie buik mag gezien worden!

Nog een paar deadlines deze week en ik heb verlof. Ik ben eraan toe, kan me nog maar slecht concentreren. Zit ik midden in een verhaal, moet ik lachen door een golf in mijn buik. Zoek ik op internet naar informatie voor een artikel, reken ik opeens online kleertjes af. Zomaar uit het niets, ik kan er niks aan doen! Straks hoef ik me daar gelukkig niet meer schuldig over te voelen. Dan heb ik alle tijd voor babyspullen, het geboortekaartje, die we nodig moeten uitzoeken, net als de roze commode wit schilderen. Maar vooral ook quality time met Timo en Kaya, gezellig lunchen met vriendinnen en de rust in mijn hoofd en lijf opzoeken.

Ik merk dat ik me steeds meer in een coconnetje terugtrek. Het nieuws volg ik maar niet meer, ik word er verdrietig van. Heftige discussies voer ik ook niet meer. Veel onderwerpen boeien me niet of ik heb geen zin om me er druk over te maken. Ik houd me tegenwoordig op de vlakte. Niks voor mij, ik laat normaal juist graag mijn mening horen. Blijkbaar sluit ik me instinctief af om me voor te bereiden op de geboorte. Yogaoefeningen thuis op mijn matje en een boek over Hypnobirthing helpen daarbij. Lezen over hoe je kunt bevallen zonder pijn door ontspanning, positief denken, visualisatie en ademhalingstechnieken. Wat een verademing. Zo wil ik ook bevallen!

Nog 1 dag en ik ben 37 weken zwanger. Dan ben ik officieel ‘op tijd’. Wat een mijlpaal! Maar zover komt het geloof ik niet. Ik word wakker, ga naar het toilet en merk dat mijn vliezen breken. Dezelfde start als bij Kaya. Het gaat gebeuren!! We maken Kaya wakker, vertellen haar met een lach en een traan dat haar broertje vanmiddag geboren wordt. Ze vraagt er elke dag naar en nu is het dan zo ver! We trekken allemaal snel wat aan, mijn tas staat klaar en via school rijden we naar het ziekenhuis. Oh wat spannend. Weeën voel ik nog niet, maar het vruchtwater komt er in golven uit.

Ik app snel mijn familie en vrienden en we installeren ons in een kraamsuite. Gezien mijn vorige bevalling, verwacht de verloskundige dat het weer vlot zal gaan. Ze legt me aan een monitor en de hartslag van de baby is goed. Het vruchtwater blijft komen, maar geen wee te bekennen. Timo en ik kletsen, we lachen van de zenuwen, eten wat, ik werk m’n laatste deadline weg achter mijn laptop en ben er klaar voor. Maar het blijft rustig in mijn buik, ook ’s nachts. In overleg met de verloskundige besluiten we thuis verder af te wachten. Lang kan het niet duren, met gebroken vliezen moet de kleine binnen 72 uur geboren worden. Dit worden spannende uren…

Michèle Hartog is freelance journalist en vertelt in WIJ over haar zwangerschap. Ze is getrouwd met Timo, moeder van Kaya (4) en 36 weken zwanger.

WIJ Jonge Ouders augustus 2016

Foto Cees Rutten

Ik ben bang dat ik vergeet te ademen

Elke ochtend, eigenlijk bij elk toiletbezoek, ruik ik me suf. Herken ik een zoetige geur, is de bevalling begonnen? Bij Kaya braken mijn vliezen plotseling met ruim 33 weken. Eerst dacht ik dat ik mijn urine niet meer op kon houden. Maar de geur maakte duidelijk dat ik geen urine, maar vruchtwater verloor. Snel greep ik wat spullen bij elkaar en reden Timo en ik naar het ziekenhuis. Weeënremmers hielpen niet meer, want een paar uur later had ik onze prachtige dochter in mijn armen. Omdat de bevalling uit het niets begon, heb ik het gevoel dat ook onze zoon zich elk moment kan melden. Dat maakt mij onrustig en onzeker. Angstig ook, omdat ik ons mannetje zo graag meteen mee naar huis wil nemen en hem niet net als Kaya achter wil laten in een couveuse.

Er moet nog heel wat gebeuren voordat de baby komt. Ons huis wordt verbouwd, we bedachten opeens dat een uitbouw handig zou zijn en logeren nu al een aantal weken bij mijn schoonouders. Als mensen vragen of de babykamer klaar is, voel ik een lichte paniek opkomen. Klaar? Hij staat vol met dozen, zakken en rommel. Allemaal spullen die niets met een baby te maken hebben. Gelukkig staan op zolder wel een wiegje, ledikant, commode, schommelstoel van Kaya klaar. Maar ik ben pas gerust als ik deze spullen neer kan zetten en het kamertje gezellig aan kan kleden met stoere accessoires.

Ons huis is dus een rommel, net als mijn agenda. Hij staat helemaal vol met afspraken en deadlines. Ik heb nog wel even, maar het maakt mij toch wat onrustig. Pas als alle verhalen, artikelen en interviews klaar zijn, kan ik mij onderdompelen in mijn zwangerschap. Dit is waarschijnlijk de laatste keer dat er leven in mij groeit. De laatste keer dat ik met z’n tweeën ben en ik dat geweldige getrappel van binnen voel. Daar wil ik volop van genieten. Dat doe ik tussen de bedrijven door absoluut, maar het lijkt me heerlijk om straks tijdens mijn verlof echt alleen maar met mijn zwangerschap bezig te zijn.

Onzeker ben ik ook. Vooral omdat ik bang ben dat ik nu niet zo goed ben voorbereid op de bevalling. De geboorte van Kaya was zo’n mooie ervaring. Ondanks dat ze te vroeg kwam en ik niet thuis kon bevallen zoals ik wilde, kon ik me in het ziekenhuis heel goed ontspannen. Ik was alleen maar bezig met mijn ademhaling en voelde eigenlijk geen pijn tot aan het persen. Dat ik zo goed kon ontspannen, kwam denk ik door yoga. Tot drie dagen voor de bevalling deed ik Iyengar yoga, volgde ik een cursus zwangerschapsyoga en las boeken over natuurlijk zwanger zijn en bevallen. Deze keer is dat anders. Yoga ben ik door de verbouwingsdrukte al snel mee gestopt en ik moet nog beginnen aan een zwangerschapscursus. Ik lees wel weer hetzelfde mooie boek ‘ De magische 9 maanden’ van Deepak Chopra, maar dat schiet ook nog niet echt op.

Het liefst wil ik een aantal weken op de bank relaxen met mijn boeken, oefenen met mijn ademhaling, een cursus hypnobirthing volgen of op z’n minst een boek daarover lezen. Ik ben bang dat ik daar geen tijd voor heb en dat maakt me onzeker. Straks weet ik tijdens de bevalling niet meer hoe ik moet ademen, vergeet ik te ontspannen en gil ik het uit van de pijn in plaats van mijn weeën rustig weg te zuchten. Het komt vast allemaal goed, maar laat die verbouwing toch maar snel voorbij zijn, de babykamer klaar, mijn deadlines gehaald en die zoete geur nog even wegblijven!

Michèle Hartog is freelance journalist en vertelt in WIJ over haar zwangerschap. Ze is getrouwd met Timo, moeder van Kaya (3) en 28 weken zwanger.

WIJ Jonge Ouders juni 2016

Foto Cees Rutten

 

 

 

 

 

In shock kijk ik naar een stralende Timo

 Ik heb nog helemaal niks gekocht voor de baby. Niet omdat ik nog steeds bang ben dat het misgaat, maar ik wil eerst graag weten of we een jongen of een meisje krijgen. Uit praktisch oogpunt, zodat ik weet welke kleur ik de babykamer kan geven, of het roze of mintgroene accessoires worden en de keuze kan maken tussen schattige jurkjes of stoere pakjes. Maar belangrijker nog, omdat het voor mijn gevoel dan pas helemaal echt is. Nu al aai ik elke dag over m’n groeiende buik, geniet ik van alle bewegingen. Maar als ik het geslacht weet, kan ik nog meer contact maken met dat wondertje in mijn buik. Fantaseren over de kleine, over hoe zal hij of zij eruit zal zien, tegen hem praten, een naam geven en net als bij Kaya dagelijks mijn lievelingsliedje zingen, zodat de baby dat straks na de geboorte zal herkennen.

Vandaag zullen we het weten. Vol spanning gaan Timo en ik naar de 20 weken echo. Zo bijzonder een kijkje in een andere wereld, een blik op ons tweede kind. Het belangrijkste is natuurlijk om te horen of de baby gezond is. De echoscopist stelt ons gerust: alles ziet er goed uit. Joehoe! Daarna brengt hij het geslacht in beeld. Hebben we een idee? Ja, eigenlijk wel. Ondanks dat ik de laatste tijd uit het niets allemaal blauwe en groene accessoires in huis haal, weet ik het namelijk zeker: het is een meisje. Ik voel me precies hetzelfde als tijdens de zwangerschap van Kaya. Ik heb nauwelijks last van kwaaltjes, zit vol energie, ben ongeveer hetzelfde aantal kilo’s aangekomen en als ik mijn omgeving moet geloven heb ik weer net zo’n kort lontje (onzin natuurlijk!)

Eerlijk gezegd heb ik mezelf ook altijd met twee meiden gezien. Net als mijn moeder en net als mijn zus. Ik ben volgens mij een echte meisjesmoeder, gek op ballet, yoga, tutten, knutselen en lekker keuvelen met Kaya. Voetballen, macho-gedrag? Nee, ik heb toch meer met meisjesdingen.

Hoewel ik het zeker denk te weten, zie ik op de echo toch echt wat anders. Lichtelijk in shock kijk ik naar een stralende Timo. Er groeit een piemeltje in mijn buik. We krijgen een zoon. Ik ben verbijsterd, ik wist het zo zeker. Maar het is echt een jongetje. Heel even moet ik wennen aan het idee. Maar al snel kijk ik vol trots naar onze zoon, druk zwaaiend met zijn armen.

Wauw … er loopt straks gewoon een mini-Timo rond. Een lief, mooi, stoer jongetje, waar ik nu al stapelgek op ben. En waar ik ongetwijfeld de streken en de humor van zijn vader in zal herkennen. En ja, bij wie ik straks vast heel cliché als allergrootste fan aan de zijlijn van het voetbalveld sta.

Onze zoon … ik kan niet wachten tot hij in mijn armen ligt. Maar nu eerst zijn naam. Wat is dat lastig! Omdat ik zo zeker wist dat we een meisje zouden krijgen, heb ik alleen een lijst met meisjesnamen. Nu struin ik internet af op zoek naar de perfecte naam. Stoer, kort, origineel, passend bij Kaya en zijn achternaam Luca. We maken een lijstje, maar niks voelt echt goed. Met enige regelmaat zeg ik wat namen hardop. Stiekem wacht ik dan op een reactie uit mijn buik. Misschien dat onze zoon wel trapt als hij een naam mooi vindt. Idioot natuurlijk, ik weet het … Zou ik dan toch last hebben van die hormonen?! Maar zo lang ik geen harde trap voel, zoek ik toch echt nog even verder!

Michèle Hartog is freelance journalist en in WIJ vertelt ze over haar zwangerschap. Ze is getrouwd met Timo, moeder van Kaya (3) en 20 weken zwanger.

WIJ Jonge Ouders januari/februari 2016

Foto Cees Rutten

 

 

 

Eindelijk durven we het te vieren

Hoeraaa de twaalf weken zijn voorbij!! Op de echo zien we een kloppend hartje en de baby is precies zo groot als hij moet zijn. Yes! Wat een opluchting. De tranen prikken in mijn ogen. Voor mijn gevoel ben ik nu pas echt zwanger. Terwijl dit al de derde echo is, mijn hormonen al weken opspelen, ik bij vlagen weeïg ben en constant moet plassen. Toch doe ik al weken alsof ik niet zwanger ben. Ik praat er nauwelijks over, denk er niet aan en probeer vooral niets te voelen. Dat is niet makkelijk, zeker niet omdat naasten weten dat ik wel zwanger ben.

We hadden eigenlijk niets willen zeggen, pas na twaalf weken. Maar dat lukt natuurlijk niet. Als ik op Ibiza de oesters en cocktails afsla, wil de groep vrienden met wie we daar zijn het al vieren. En ook de familie kijkt blij als ik geen rauwe vis eet, terwijl ik daar normaal gek op ben. Dus tussen neus en lippen door vertel ik dat ik zwanger ben. Niet op een feestelijke manier zoals de vorige keren. Vijf jaar geleden kreeg de hond roze en blauwe strikjes om zijn nek. Drie jaar later droeg Kaya een shirt met de tekst ‘Ik word grote zus’ en nog een jaar later met kerst verrasten we de opa’s en oma’s met een foto van ons drieën en de rekensom 2+1 = 4.

Maar nadat het twee keer fout gaat, zijn we voorzichtiger. Ik wil het niet samen vieren. Ik wil geen vreugdetranen en blije gezichten, die na een paar weken omslaan in treurige blikken. Want niet alleen wij hebben verdriet als het misgaat, ook iedereen om ons heen. En die extra pijn, wil ik deze keer tot een minimum beperken.

Bij de vorige zwangerschappen zijn de echo’s onzeker. Beide keren is het vruchtje te klein voor de zwangerschapsduur van acht weken en moeten we afwachten. Een week. Het vruchtje lijkt gegroeid. Toch gewoon een late innesteling? Nog een week afwachten. Dan is het beide keren duidelijk. Geen groei, geen hartslag (meer). Het is mis. En dan? Nog maar een week afwachten. Misschien komt de miskraam vanzelf op gang. Dat betekent en week rondlopen met verdriet en onzekerheid. Dikke kraamverbanden in mijn tas, schoon ondergoed en een andere broek. Want het bloeden kan zomaar beginnen. Tijdens een interview, de boodschappen of als ik met Kaya in de speeltuin ben.

Maar de miskramen komen niet vanzelf. Ze worden opgewekt met medicijnen die ik met een tussenpauze van een paar dagen in moet nemen. Het wachten is killing. Hoe lang na het innemen van die pillen komt het op gang? Doet het pijn? Wordt het zelfs een helse pijn zoals ik op internet lees? Zie ik een vruchtje? Wat doe ik daar dan mee? Wat als er niks gebeurt? Als ik hier twee dagen onder een dekentje lig te wachten en alsnog gecuretteerd moet worden.

De spanning, de onzekerheid rond de miskramen, daar heb ik eigenlijk nog de meeste moeite mee. Dat is een gevoel waar ik niemand over hoor. Je weet dat je na een miskraam met lege handen achterblijft. Met een leeg gevoel, verdrietig en vol twijfels of je ooit weer een baby in je armen zult houden. Maar niet dat je voor die tijd gek wordt van onzekerheid. Dat vind ik zwaar.

Maar deze keer is het anders. Trots kijk ik naar de echo van ons tweede kind. Naar het broertje of zusje van Kaya. De baby met een kloppend hartje, de juiste maten en verhoudingen. Wat gaan we dit nu eindelijk ongelofelijk vieren!

Michèle Hartog is freelance journalist en vertelt in WIJ over haar zwangerschap. Ze is getrouwd met Timo, moeder van Kaya (3) en 12 weken zwanger.

WIJ Jonge Ouders april 2016

Foto Cees Rutten

Drijfzand in mijn hoofd

Een koffiedate? Een verjaardag of een afspraak? Grote kans dat ik niks van me laat horen of er niet ben. Vergeten. Dat is geen onwil, maar op de een of andere manier blijft er niets in mijn hoofd hangen. Ik heb een agenda, kalender en stapels to do lijstjes zodat ik niks mis, maar vergeet daar op te kijken.

Het is niet normaal hoe vergeetachtig en warrig ik ben. In mijn hoofd is het een komen en gaan van ingevingen. Van een mail die ik wil sturen, een deadline die ik moet halen, dingen die geregeld, gekocht of gedaan moeten worden. Maar zo snel als het opkomt, zo vlug zakt het ook weer weg.

Verjaardagen vergeten is nog tot daar aan toe, vervelender vind ik het als ik niet op woorden kan komen. Namen die ik vergeet, halve verhalen die ik vertel doordat ik de details niet meer weet. Gek word ik ervan. Onzeker ook. Dit gaat toch wel weer voorbij?

Zwangerschapsdementie kan het niet zijn, die heerlijke roze wolk waar ik nog steeds op zit met Ian, Kaya en Timo lijkt mij ook niet de oorzaak. Wat dan wel? Online kom ik tot een diagnose: ontzwangeren. Niks ernstigs gelukkig. Maar het blijkt wel een hele klus te zijn, zowel fysiek als mentaal.

Ik dacht dat vooral je lichaam moest ontzwangeren en dat gaat eigenlijk erg goed. Ik voel me lekker in mijn lijf, ben alle overtollige kilo’s kwijt en voel me fit tijdens het sporten. Maar mijn geest is een ander verhaal: die is duidelijk volop aan het ontzwangeren. Met vergeetachtigheid en concentratieproblemen als gevolg. Na de geboorte van Kaya heb ik hier geen last van gehad, maar nu blijk ik niet de enige te zijn met deze verschijnselen. Hordes nieuwe moeders die op stap gaan zonder luiers, met de verkeerde boodschappen thuis komen, afdwalen als iemand iets vertelt en geen idee hebben of ze nu met links of rechts moeten voeden. Wat een opluchting.

Bij ontzwangeren krijg je er ook een brok aan emoties bij. Dat verklaart waarom ik zo’n sentimentele muts ben geworden. Ik hoef maar naar dat stralende gezichtje van Ian te kijken en ik schiet vol. Helemaal als ik hem met zijn zus zie knuffelen of als Kaya met hem memory speelt, de kaartjes bij hem legt en de ene keer zichzelf en dan weer hem laat winnen. Maar ook als Timo met Ian in de draagzak met de hond gaat wandelen. Dan smelt ik. Ook het idee dat het allemaal zo snel gaat, maakt me week. Ian is gewoon alweer 4 maanden! Hij is een heerlijk mannetje, groeit als kool, is vrolijk, rolt naar zijn zij, pakt speeltjes en heeft zijn voetjes ontdekt. Te leuk, maar waar is mijn baby gebleven? Laatst heb ik zijn 0-3 maanden kleertjes opgeruimd. Dat was wel een momentje. Net als toen ik zijn lieve schommelwiegje naast ons bed heb vervangen door het campingbedje omdat hij er niet meer in paste.

Aan de ene kant wil ik dat Ian voor altijd mijn kleine baby blijft, aan de andere kant geniet ik ervan dat hij steeds meer contact maakt en de wereld ontdekt. Ik ben trots, verstrooid, dolgelukkig, verward, verliefd en weemoedig tegelijk.

Negen maanden op, negen maanden af, wordt er gezegd. Met een beetje mazzel kan ik me van mijn verstrooidheid en blunders straks niets meer herinneren.

Freelance journalist Michèle Hartog vertelt in WIJ Jonge Ouders over haar leven met Timo, hun dochter Kaya (4) en zoon Ian (4 maanden)

WIJ Jonge Ouders februari 2017

Fotografie: Tosca Foto’s

 

Samen op de bank

Na negen jaar komt de droom van Jellie Visser (35) eindelijk uit. Ze wordt mama! In deze emotionele tijd kreeg ze veel steun van vriendin Aukje Krol (24). Hoe leuk is het dat ze nu samen zwanger zijn. 

Aukje: ‘Die 9 jaar met IVF-behandelingen en miskramen waren heel zwaar en emotioneel. Zou je dat achteraf weer doen?’

Jellie, 28 weken zwanger: “Ja absoluut! Nu ik zwanger ben, is het elke seconde waard geweest. Ik ben zo dankbaar dat Pieter nog een laatste poging wilde wagen. Anders zou ons kind er niet zijn geweest. Dan hadden we dit moeten missen. Het traject was zwaar. Het heeft veel gevergd van Pieter en mij. Gelukkig zijn we elkaar nooit uit het oog verloren. We bleven met elkaar praten, namen bewust pauzes, deden leuke dingen om ons op te laden en hadden veel steun, ook vanuit het MCL ziekenhuis.

Achteraf zie ik wel hoe het ons leven heeft beheerst. In mijn hoofd was ik alleen met een kind bezig. Als het weer mis ging, was dat een klap. Een enorme dreun. Na de laatste keer dat we ons kindje verloren, heb ik de knop omgezet. Ik wilde dat intense verdriet niet meer. Dat lege gevoel, die teleurstelling kon ik niet meer aan. Ik was er klaar mee. Ik had geaccepteerd dat we zonder kind verder zouden gaan. De wens houd je altijd, maar ik kon het naast me neerleggen. Toen Pieter opeens zei dat hij nog een poging wilde, was ik flabbergasted. Ik wilde echt niet meer, heb het voor hem gedaan. Daardoor stond ik er wel anders in. Zonder verwachtingen. Lukt het niet, dan hebben we een mooi leven. Lukt het wel, dan is dat meegenomen. Vanaf het begin heb ik er een goed gevoel over gehad. Er kwam een soort rust over mij. Een vertrouwen dat het goed zou komen. Weet je dat nog? Heel gek, maar ik ben geen moment bang geweest dat het mis zou gaan.

Onze wandelingen en gesprekken samen met Marjan hebben me rustiger gemaakt. Deze keer bleef ik ook tijdens de behandeling lopen. Ik bleef leuke dingen doen, wandelen, stofzuigen, ook toen ik zwanger was. Het voelde goed, dus ik hoefde niet extra voorzichtig te zijn. Deze zwangerschap is een wonder. Ik ben er elke dag dankbaar voor. Ik fiets er doorheen, dus geniet van elk moment. Ik weet dat ik dit maar één keer ga meemaken en wil niks missen. Heerlijk ook om dit met jou te delen. Je was een grote steun. Je aanwezigheid, je vrolijkheid, onze gesprekken, jouw lieve kaartjes. Dat heeft me echt gesterkt.”

Jellie: ‘Je wilde na je miskraam van de tweeling eigenlijk geen kinderen meer. Waarom veranderde dat?’

Aukje, moeder van Talenka (4) en 18 weken zwanger van een jongen: “Eigenlijk door dezelfde reden als jij. Ik had zo’n verdriet na die miskraam, dat wilde ik niet nog eens meemaken. Met acht weken klopten de hartjes nog, met 11 weken was er geen leven meer. Ik ben zelf één van een tweeling. Ik was net aan het idee gewend geraakt dat wij er ook twee zouden krijgen en toen ging het mis. Dat was zo heftig. Ik was er klaar mee, maar twee jaar daarna wilde mijn vriend het weer proberen. Voor Yalenka vond ik het rot dat ze altijd alleen is, dus ben toch van de pil afgegaan. Ongeveer tegelijk met jouw laatste IVF-poging. Niet te geloven dat we allebei in verwachting zijn geraakt!

Ik geniet er zo van. De eerste weken voelde ik me beroerd en nu ben ik moe en heb last van harde buiken. Het maakt me niks uit. Ik dacht niet meer dat ik zwanger zou worden, dus geniet van elk schopje in mijn lijf. Ik ben ook zo blij dat jij zwanger bent. Ik gunde het je zo. Na alles wat jullie hebben meegemaakt is jullie kindje zo welkom! Je zegt altijd dat je veel steun aan me hebt gehad in die tijd. Daar ben ik blij om. Ik deed mijn best er voor je te zijn. Een bloemetje, een kaartje, even laten weten dat ik aan je denk. Ook als je je rot voelde door de hormonen, prikte ik daar gewoon doorheen. We kunnen veel van elkaar hebben, dat is in zo’n situatie heel fijn.

We schelen natuurlijk best veel qua leeftijd, maar vanaf het begin is er een klik. Ik ben blij met jou als vriendin. Zo leuk om samen met jou en Pieter en jullie neefje Tristan af te spreken. Die kinderen kunnen lekker spelen en wij kunnen uren kletsen. Heerlijk dat er straks twee baby’s bij zijn. Ik ben alleen nu wel al heel bang voor de bevalling. Vorige keer was verschrikkelijk. Ik had daarna zo’n pijn en kon ondanks de pijnstillers helemaal niks. Niet eens Yalenka zelf oppakken. Ik probeer maar niet te veel aan de bevalling te denken, maar meer aan de tijd daarna. Daar verheug ik me op. 2014 zou ons jaar worden. Daarom hebben we de vriendschapsarmband van Swarovski gekocht. Ik draag hem elke dag en het is uitgekomen. Dit is ons jaar!”

WIJ Jonge Ouders, december 2014

 

 

Samen op de bank

Manon Wouters (27) en Kizzy Roosendaal (28) zijn samen opgegroeid, hebben van alles samen meegemaakt en hun families woonden tijdelijk in één huis. Manon is peettante van Kizzy’s dochter en nu zijn de vriendinnen tegelijk zwanger!

Kizzy: Doordat je zoontje in een stuit ligt is er een keizersnee gepland. Vind je dat vervelend?

Manon – 38 weken zwanger van een zoon.

‘’Het is natuurlijk niet zoals ik het in mijn hoofd had. Ik vind het jammer dat ik geen gewone bevalling mee kan maken, dat ik niet zal weten hoe mijn lichaam reageert op weeën en de geboorte. Maar ja, het is niet anders. Ik krijg een gezond kindje en dat is veel belangrijker! De datum houden we nog even voor ons. Nee, zelfs jij krijgt hem niet te horen Kiz. Het wordt voor iedereen een verrassing. Ik hoop dat ik na de keizersnee niet te veel last heb, want ik wil snel alles zelf doen met de kleine. Lekker tutten samen. Ik wilde altijd graag kinderen. Jij zei wel eens ‘wacht nog even’, maar ik had weinig geduld. Ik wilde zo graag moeder worden, ben altijd gek op baby’s, dat weet je wel. Een kindje van Patrick en mij samen lijkt me het mooiste dat er is. Toen het zover was, kon ik niet wachten om het jou te vertellen. Zo speciaal dat jij het toen al wist. Dat je die nacht had gedroomd dat ik een kindje verwachtte. Jouw reactie dat je tante wordt, ontroerde me. Zo voelt het voor mij ook. Zo leuk dat we tegelijk zwanger zijn. Onze baby’s schelen maar een paar maandjes en zullen echt samen opgroeien. Net als wij.

Het is best bijzonder dat wij zo close zijn geworden. Je was natuurlijk eerst de vriendin van mijn zus. Ik was het kleine zusje dat graag met jullie optrok, maar niet altijd mee mocht doen. Na haar overlijden zijn wij naar elkaar toe gegroeid. Het is fijn dat jij Sabine goed kende. Daardoor kunnen we het verdriet delen, maar ook herinneringen ophalen. Alle grappige en bijzondere momenten, die leuke kleine dingen van mijn zus. Toen ze overleed kwam je vaak langs om te vragen hoe het met ons gezin ging. Veel mensen durfden niks te zeggen, vroegen nooit meer naar Sabine. Terwijl het juist prettig is om over haar te praten. Jij hebt dat altijd goed aangevoeld. Zo hielp je mij door moeilijke tijden heen.’’

Manon: Ik vind het een eer dat ik de peettante van Hailey ben. Moest je daar lang over nadenken?

Kizzy – moeder van Hailey (2), 24 weken zwanger.

‘’Nee helemaal niet! Toen ik zwanger was wist ik meteen dat ik jou daarvoor zou vragen. Onze band is heel sterk, we kennen elkaar ook al zo lang. De tijd dat jullie na de scheiding van jouw ouders bij ons woonden zal ik nooit vergeten. Opeens waren we met zeven vrouwen in één huis. Alle drukte en gezelligheid was ik als enig kind niet gewend, dus ik genoot volop. Jij en je zussen voelden meteen als familie en dat is altijd zo gebleven. Toch vond ik het best eng om jou en Patrick te vragen als peettante en peetoom. Gelukkig waren jullie net zo enthousiast als wij. Al heb je zelf nog geen kinderen, ik kan jou voor de volle honderd procent vertrouwen met mijn kleine meid. Als ze bij jou is, hoef ik me geen seconde zorgen te maken. Hopelijk voel jij dat straks net zo met jouw kleintje.

Het is zo fijn om de zwangerschap en dit gevoel te delen. Bij mijn eerste zwangerschap was je al heel betrokken. Zo lief hoe vaak je langs kwam om te helpen en even mijn groeiende buik aan te raken. Na de geboorte, wipte je ook vaak binnen om naar Hailey te kijken. Soms dacht je dat ik dat vervelend zou vinden, maar helemaal niet! Gezellig juist. En mooi om te zien dat onze dochter zoveel liefde van je krijgt.

Je bent echt de perfecte peettante en ik weet zeker dat je een geboren moeder bent. Zo zorgzaam, geduldig en lief. Ik twijfel er niet aan dat jij precies weet wat je moet doen straks met die kleine. Bij Hailey vond je het al leuk om te helpen. Je gaf haar een flesje, verschoonde haar luier en je vroeg precies hoe alles werkte, waarom iets juist wel of niet kon. Je hebt nu eigenlijk helemaal geen vragen, je weet alles al!’’

April 2014 

 

‘In een ziekenhuis raak ik altijd in paniek’

Sara (28) kreeg op haar tweede acute lymfatische leukemie. Ze dacht altijd dat zwanger worden er als gevolg van de chemotherapie niet inzat. Haar zoontje Matz noemt ze dan ook een groot wonder. 

‘’Op mijn tweede kreeg ik vlekjes en ben ik acuut naar het AMC gebracht. Daar bleek ik kanker te hebben en er werd meteen gestart met chemotherapie. Vlak voordat ik ziek werd overleed mijn vader. Veiligheid en geborgenheid maakten plaats voor kanker en het ziekenhuis. Mijn moeder was hoogzwanger en woonde bij mijn vader want ook hij had net zijn vrouw verloren. Het was een hele heftige tijd voor ons allemaal. Ik kan me er niet veel meer van herinneren, maar het gevoel weet ik nog precies. Ik was doodsbang in dat ziekenhuis. Ik voelde me ziek en kreeg vreselijke beenmergpuncties en ruggenprikken. Als mijn moeder wegging, was het drama. Die prikken zijn nog lang na dat jaar doorgegaan en ze waren echt heel naar. Dat gevoel van angst en overgeleverd zijn aan doktoren kan ik me nog goed herinneren. Daardoor heb ik nu nog een enorme angst voor ziekenhuizen. Ik krijg het benauwd en paniekaanvallen. Ik wil niet naar het ziekenhuis. Er moet iemand meegaan, al ga ik voor iets simpels als een echo of een foto. Als ik alleen moet, dan durf ik niet.

Ik heb duidelijk wat overgehouden aan de kanker in mijn jeugd. Het kan nog veel meer gevolgen hebben. Al weten ze nog niet precies wat de gevolgen van de behandelingen zijn. Vervroegd in de overgang, vermoeidheidsklachten, nierproblemen en vruchtbaarheidsproblemen. Vooral dat laatste heb ik altijd zo ver mogelijk weggestopt. Ik wilde er niets van weten, kon er nog niet mee dealen. Dat was iets voor de toekomst. Dan zou ik dan wel zien hoe ik ermee omging. Maar zoiets zit altijd in je achterhoofd. Ik wist altijd dat ik dolgraag een kindje wilde. Dat ik tenminste één keer zwanger wilde worden. Dat leventje in mijn buik, dat leek me geweldig. Dat gevoel stopte ik weg. Daar kon ik niets mee zo lang ik er niet mee bezig was. Maar bij elke controle in het ziekenhuis werd er gevraagd naar mijn kinderwens. En in elke brief of folder van het ziekenhuis stond iets over vruchtbaarheidsproblemen en op internet staan veel droevige verhalen van vrouwen bij wie het niet lukt. Dat maakte me verdrietig, maar de heftigheid probeerde ik niet te laten doordringen. Op mijn 21e werd ik gevraagd mee te werken aan een onderzoek over de gevolgen van chemo op jonge leeftijd. Ik deed niet mee. Ik wilde niet weten of ik wel of geen kinderen kon krijgen.’’

‘’Toen ik Bas ontmoette, vertelde ik hem vrij snel dat de kans op een kindje met mij klein zou worden. Dat is zoiets essentieels, dat moet je snel bespreken. Hij maakte er geen probleem van. We zouden het wel merken en lukte het niet, dan zouden we toch lekker veel gaan reizen? Ik was blij met zijn reactie en schoof het voor me uit. Maar ik wist dat ik niet te laat moest beginnen als ik kinderen wilde. Misschien lukte het niet, zou het lang duren, moest ik de medische molen in of zou ik vervroegd in de overgang raken. Op mijn 23e kwam mijn kinderwens in alle hevigheid opzetten. De internist stelde voor dat we het een half jaar zelf zouden proberen voordat we naar het ziekenhuis zouden gaan.’’

Ovulatietesten

“Het is voor iedereen spannend om te proberen, voor mij was het extra beladen. Ik kocht meteen ovulatietesten. Ik ovuleerde, dus dat was goed. Lekker ontspannen proberen en wel zien hoe het loopt, dat lukte niet. Maar ik had wel bewust gekozen om voor onze bruiloft te beginnen, zodat ik afgeleid zou zijn. Nu ik eenmaal had toegegeven aan mijn kinderwens, kwam er veel gevoel los. Elke maand was ik heel erg teleurgesteld. Mijn angst dat het niet zou lukken werd steeds groter. Dit kon heel heftig gaan worden, dat wist ik. Nog eens versterkt door mijn ziekenhuisfobie. Maar na vier maanden was het al raak. Ik was dolgelukkig! Maar ook doodsbang. Wat als het mis ging. Wat als ik maar een goede eicel had en het zou mis gaan? Onbezonnen ben ik nooit geweest. De hele zwangerschap was er die angst. Ik deed ook heel voorzichtig, hield me aan alle regeltjes. De angsten, de bezoekjes aan het ziekenhuis, de onzekerheid. Het was zwaar in mijn hoofd. Maar het is gelukt. Anderhalf jaar geleden is Dex geboren. Ik was zo blij. Ik kon niet geloven dat ik dit mee mocht maken. Dolgelukkig was ik met dat kleintje in mijn armen. De internist noemde hem een wonder en dat is hij ook. Elke dag realiseer ik me wat een mazzel ik heb, wat een fijn leven en wat een geweldig kind. Misschien krijg ik er maar een, dus ik geniet extra van ons kleine, mooie wonder.’’

April 2014